25-04-16

Een halfje dankzij degradatie

Afgelopen zaterdag degradeerde BSG na vijf seizoenen uit de meesterklasse en dat zorgde voor de nodige sippe gezichten. Zelf ben ik vooral trots op de prestaties van de afgelopen jaren, want met twee degradanten per jaar is de gemiddelde verblijftijd van een team in de meesterklasse vijf jaar. BSG zat dus keurig op het gemiddelde en dat is niet gek voor een team dat op papier altijd tot de zwakkere broeders gerekend werd. Afgelopen seizoen zat er gewoon net te veel tegen om degradatie te ontlopen. Na de miraculeuze ontsnappingen in eerdere jaren was het geluk gewoon op.

Zelf mocht ik dit seizoen viermaal voor het eerste opdraven. Officieel mag een speler maar drie keer invallen, omdat 'ie anders voor het hogere team moet blijven spelen, maar dat maakt in de laatste ronde natuurlijk niet meer uit. Erg veel plezier van de invalbeurt had ik niet, want ik werd aan alle kanten overspeeld door Jan Willem van de Griendt. Mijn geluk was dat En Passant op dat moment al bijna kampioen was, waardoor ik nog een remiseaanbod kreeg. Strik erom en in de tas, maar dat is wat te gemakkelijk. Daarom heb ik de partij zorgvuldig geanalyseerd, zodat ik het de volgende keer hopelijk beter doe.


Het had niet veel gescheeld of ik had dit seizoen alle mogelijke resultaten behaald. Alleen die zwartnederlaag, die had ik nog niet. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit in een seizoen met zwart ongeslagen ben gebleven. Zodoende behaalde ik nog een mijlpaal in het verder matig gespeelde seizoen. Al met al scoorde ik 5½ punt in de 9 partijen; 2 uit 4 in de meesterklasse en 3½ uit 5 in de derde klasse. Qua score was het niet zo verkeerd, maar het spel liet te wensen over. Hopelijk gaat dat volgend jaar, in de eerste of derde klasse, beter.

Deze partij werd mede mogelijk gemaakt door Knightvision.

23-04-16

BSG verliest en daalt af

Dat de tweede plaats van vorig seizoen niet herhaald kon worden, dat was nog niet zo gek, maar dat BSG weer het hele seizoen tegen degradatie moest vechten, dat was wel heel teleurstellend. In Bloemendaal verloor BSG dat gevecht ook nog, zodat het volgend jaar de eerste klasse onveilig gaat maken.

In de gemeenschappelijke slotronde was er nog veel om voor te vechten. Bovenin hadden En Passant en de verrassing van het seizoen, SISSA, stuivertje gewisseld. De landskampioen van 2013 en 2014 had het onderlinge duel gewonnen en stond zodoende een matchpunt voor. Onderin was het zieltogende team van Utrecht al gedegradeerd. De drie teams daarboven waren in een stoelendans met nog maar twee lege stoeltjes verwikkeld. Op doelsaldo stond BSG er goed voor. Ze moesten alleen nog wel tegen En Passant, dat bij winst zeker was van het kampioenschap. De teams van Het Witte Paard Sas van Gent en Pathena Rotterdam hadden echter ook geen makkelijke indeling: zij moesten tegen SISSA en HMC, de nummers twee en drie in de poule. SISSA moest natuurlijk winnen en hopen op een misstap van En Passant, terwijl HMC mogelijkerwijs nog voor een plek in de Europacup vocht.

Doordat de slotronde van de meesterklasse samenviel met de Bundesliga, moesten de teams flink puzzelen met hun spelers. En Passant kon geen beroep doen op Erwin l'Ami en de totaal uit vorm zijnde Jan Smeets, terwijl BSG voor de vijfde keer dit seizoen geen beroep kon doen op Robin Oscar van Kampen. En Passant goochelde de Azerbeidzjaan Namig Goeliëv en de Hongaar Csaba Balogh uit de hoge hoed. BSG moest het doen met het Apenhoofd als invaller.

Toch hield BSG lange tijd goed stand, maar uiteindelijk vielen de resultaten in de swing states de verkeerde kant op. Aan het eerste bord was Frank gezet. Hij moest winnen van een sterke tegenstander om een IM-norm te scoren. In Friso Nijboer had hij de gewenste tegenstander. De partij leek op remise uit te draaien, toen Frank ineens door zijn tijd was. Au!

Li was ziek voor de partij en waarschijnlijk nog zieker na de partij. Ik heb hem verder niet meer gesproken. Het enige positieve wapenfeit aan de topborden was de solide remise van Large tegen Balogh. Large had niet echt het idee tegen een 2600-speler te spelen en vloog hem fanatiek naar de keel. Daarna speelde hij het echter niet zo handig en moest hij afwikkelen naar een ongelijkelopereindspel met een gelijk aantal pionnen.

Meer slecht nieuws was er aan het vierde bord, waar Robert Vjatsjeslav Ikonnikov naar eigen zeggen compleet wegspeelde. Hij koos in het eindspel echter de verkeerde voortzetting, waardoor de kalende grootmeester dankzij een wel erg snelle a-pion alsnog de partij won. De rest van de dag moest Robert het leed met de nodige biertjes wegdrinken.

Zodoende had BSG de slag op de hoogste borden ongelukkig met 3½-½ verloren. Aan de lagere borden werden de punten wat eerlijker verdeeld. Zo kwamen Thomas en Manuel Bosboom remise overeen in een partij waarin het publiek de winnaar was. Thomas trok de hele trukendoos open om het eindspel te winnen, maar Bosboom wist zich nog net te verdedigen. Op het zesde bord kwam Alexander met zwart na de opening in de problemen tegen Tsjautsjien Peng. Na een paar mindere zetten van de 13-voudig Nederlands kampioene kantelde de partij volledig. Alexander won een stuk, maar liet toen te veel pionnen ruilen en moest genoegen nemen met remise.

Aan bord 7 en 8 had En Passant de in clubtenue gestoken gebroeders Vedder opgesteld. Ewood speelde tegen de oudste. In een lastige Spaanse partij stond hij wat beter en miste hij op het eind een enorme kans. De partij eindigde echter in remise. Datzelfde resultaat was er voor Ton, die tegen Henk geen rare fratsen uithaalde en redelijk eenvoudig op de been bleef.

Aan de laagste borden kon BSG nog een beetje aan eerherstel doen. FM Henk pakte zijn tweede overwinning op rij. Hij won vrij snel na de opening een kleine kwaliteit tegen Dick de Graaf (ja, wat doet die c daar?), maar daarna had hij nog de grootste moeite om het eindspel te winnen. Dat lukte Jan Willem van de Griendt tegen het Apenhoofd in ieder geval niet. Met het oog op de stand besloot hij maar remise aan te bieden, wat uiteraard meteen werd aangenomen. Zodoende was En Passant kampioen, terwijl BSG nog steeds in onzekerheid verkeerde.

De overige degradatiewedstrijden zagen er weinig hoopvol uit. HMC en Pathena stonden gelijk, maar de enig overgebleven partij, die tussen Geert van der Stricht (HMC) en Marinus Kuijf (Pathena) stond de zwartspeler gewonnen. Ook bij Het Witte Paard en SISSA was de stand nog in evenwicht met nog twee partijen te gaan. Thibaut van den Bussche (HWP) stond echter gewonnen tegen Thomas Henrichs. Met een leuk kwaliteitsoffer, gevolgd door een dameoffer wist hij te promoveren en zijn team voor degradatie te behoeden. Doordat Zyon Kollen nog won van Johan Goormachtigh, eindigde de wedstrijd in een gelijkspel. Vervolgens was het hopen op een wonder dat nooit kwam. Kuijff won en dus degradeerde BSG na vijf seizoenen uit de meesterklasse.

Met de staart tussen de benen verlieten de negen BSG'ers, inclusief teamleider Edwin Baart en mascotte André Süters het Bloemendaalse gemeentehuis. Aan de locatie had het niet gelegen, want die was prachtig, al was de speelzaal eigenlijk wat te klein voor de honderd schakers. Echt uitgelaten was de sfeer na afloop niet. Iedereen was ontgoocheld. Hoe had het zo mis kunnen gaan? In ieder geval overkwam BSG hetzelfde als Apeldoorn een aantal seizoenen geleden, dat eerst tweede van boven en daarna tweede van onderen werd. Een beetje pech, een paar spelers die uit vorm zijn en voila, daar ga je van kampioenskandidaat naar degradatiekandidaat. Zo dicht zitten de teams in de meesterklasse bij elkaar.

Als klap op de vuurpijl verloor BSG 2 haar laatste wedstrijd van het seizoen met maar liefst 6-2 van Oud Zuylen. Met die nederlaag nam het eerste achttal van BSG afscheid van een werkelijk waar erbarmelijk gespeeld seizoen. Gelukkig was de schertsvertoning nog genoeg voor de veilige zevende plek, zodat het seizoen gauw vergeten kan worden, want dat HSG, dat vorig jaar de promotie voor de neus van BSG 2 wegkaapte, in de tweede klasse nog hoger eindigde, is helaas enorm veelzeggend. Uithuilen en opnieuw beginnen dus.

En Passant (2425) - BSG (2331) 6-4
1. F Nijboer g (2535) - F Erwich f (2362) 1-0
2. N Goeliëv g (2577) - L Riemersma m (2434) 1-0
3. C Balogh g (2646) - La Ootes m (2406) ½-½
4. V Ikonnikov g (2538) - R Ris m (2404) 1-0
5. M Bosboom m (2396) - T Willemze m (2412) ½-½
6. T Peng g (2391) - A van Beek m (2246) ½-½
7. R Vedder f (2286) - E de Groote (2315) ½-½
8. H Vedder m (2365) - T van der Heijden (2321) ½-½
9. D de Graaf (2165) - H van der Poel f (2207) 0-1
10. JW van de Griendt m (2351) - J de Groote (2198) ½-½

22-04-16

Tien jaar BSG 1

Morgen moet BSG in de slotronde van de KNSB-competitie vol aan de bak om klassebehoud veilig te stellen. Op basis van doelsaldo staan de Bussumers nog boven de streep en dus hebben ze alles nog in eigen hand. Een overwinning zal in principe volstaan. Tegenstander is echter koploper En Passant, dat alleen bij winst zeker is van het kampioenschap. Dat belooft dus spannend te worden. De afgelopen tien jaar heeft BSG 1 wel meer van dat soort spannende momenten meegemaakt. Slechts één keer was het team in de laatste ronde uitgespeeld, in de andere seizoenen stond het kampioenschap of degradatie nog op het spel. Een overzicht van deze slotrondes:

Zaterdag 22 april 2006; BSG – De Schaakmaat
“Dit eindspel laat ik niet eens aan mijn leerlingen zien, ik ga ervan uit dat ze dit weten,” foeterde Leon Pliester na afloop van de wedstrijd BSG 1 – De Schaakmaat. Hij was woest op Emile Wüstefeld, die bij een 4-3-voorsprong een houdbaar toreneindspel verloor, waardoor BSG 1 het kampioenschap jammerlijk misliep.

Het was een schok voor heel schakend Nederland dat BSG in 2005 uit de eerste klasse degradeerde. Sinds het begin van de landelijke competitie, ergens in het begin van de vorige eeuw, had het elitaire Bussumse team altijd in de hoogste klasses meegespeeld. Na de degradatie mocht het met een afgeslankt team gaan proberen het verloren gegane terrein terug te winnen. Dat leek in het eerste seizoen al te gaan lukken, want bij het ingaan van de laatste ronde stond BSG aan kop. Het tweede team van Groningen had evenveel punten, maar een slechter doelsaldo, dus had BSG alles in eigen hand. Tegenstander was middenmoter De Schaakmaat, eigenlijk het derde team van Apeldoorn. Het jeugdteam was voor iedereen gevaarlijk en dat bleek al gauw in de wedstrijd, want al snel werd BSG op een fikse achterstand gezet, onder andere door een nederlaag van mijzelf. De gezichten waren bezorgd en de stemming was bedrukt, want het kampioenschap stond ineens op losse schroeven, ook omdat de stand op de borden weinig reden tot optimisme gaf.

Gelukkig keerde het tij en boog BSG op zijn Liverpools de 1-3-achterstand om in een 4-3-voorsprong. Als laatste was Emile nog bezig. Zijn partij was exemplarisch voor die middag, want nadat hij goed uit de opening was gekomen, had hij het daarna helemaal weggegeven. De rest van de middag probeerde hij nog te redden wat er te redden viel en dat was verrassend veel. Zijn stelling werd met de zet beter. Uiteindelijk had hij zijn achterstand teruggebracht tot één schamel pionnetje. Zou het dan toch? De wedstrijd was een emotionele achtbaanrit die euforisch leek te gaan eindigen. Alsnog.

Maar ineens was alles anders. Het was alsof de zon uit de hemel was gevallen. Emile verloor uiteindelijk alsnog en werd meteen gigantisch de les gelezen. Met de staart tussen de benen droop hij af. De spelers van De Schaakmaat zaten er wat ongemakkelijk en schaapachtig bij te lachen, terwijl 200 kilometer verderop de vin blanc werd ontkurkt. Nodeloos om te zeggen dat de sfeer na afloop in de Bussumse Chinees weinig uitgelaten was.

Zaterdag 12 mei 2007; Almelo – BSG
Het tweede jaar dat BSG 1 in de tweede klasse speelde, heb ik niet echt kunnen volgen, omdat ik dat seizoen maar één invalbeurt kreeg. Tja, hoe zou dat toch komen… Het tweede was bovendien in een heftige degradatiestrijd verwikkeld geraakt. Ondanks de komst van de gebroeders Le en La bakte het team er werkelijk waar niks van. Dankzij een eindsprint en een flinke portie mazzel werd het vege lijf uiteindelijk nog net gered. BSG 1 kende een heel wat beter seizoen. Ook nu kende het team stroeve wedstrijden, zoals tegen het team van Hardenberg, dat opnieuw een gelijkspel uit het vuur sleepte, en het tweede team van Apeldoorn, dat nu een serieuze titelkandidaat was geworden. Opnieuw volstond een overwinning in de slotronde voor het kampioenschap. Tegenstander was Almelo. De wedstrijd werd, net als anderhalf jaar daarvoor, eenvoudig gewonnen. BSG 1 ging weer in de eerste klasse spelen!

Zaterdag 19 april 2008; BSG – Zukertort
“Maar goed dat jullie eerst wat zwakke teams krijgen,” aldus Jarno voor het seizoen. Omdat er in de hoogste klasses met tien- in plaats van achttallen gespeeld wordt, moesten er twee spelers van het tweede worden doorgeschoven. Dat werden Large, die in het tweede met kop en schotel boven de rest van het team uitstak, en Frans Borm, de IM die na jaren van inactiviteit weer voor het spel geënthousiasmeerd werd. In ieder geval stond BSG in het seizoen 2007-2008 voor de enorme opgave zich in de sterke eerste klasse te handhaven. Het seizoen begon goed met een overwinning op het tweede van Groningen, dat door het terugtrekken van de sponsor aan zijn lot was overgelaten en alle wedstrijden verloor. BSG denderde daarna gewoon door. Toen lastige klanten als De Wijker Toren en Wageningen ook werden verslagen, brak de kampioenskoorts uit. Met een bijzonder effectief middenrif, bestaande uit Large, Ewood en Ton, werd iedere tegenstander geklopt. Na acht ronden had BSG acht keer gewonnen en dus was een gelijkspel in de slotronde genoeg voor het kampioenschap.

De slotwedstrijd tegen Zukertort verliep echter vrij rommelig. Zelf was ik, in mijn eerste (bijna) volledige seizoen voor BSG 1, de week voor de wedstrijd ziek geweest. Pas aan het eind van de week was ik aan de betere hand en achtte ik mijzelf fit genoeg om te spelen. Eenmaal in de speelzaal bleek ik zo scherp als een volleybal te zijn, dus werd Tom de Ruiter in allerijl opgeroepen om in te vallen, zodat het tweede ineens een invaller nodig had. Het betekende dat barman Peter Baas uiteindelijk achter de stukken plaats mocht nemen.

Zelf heb ik het grootste gedeelte van de wedstrijd gemist. Pas tegen het eind van de middag keerde ik terug naar het Denksportcentrum. Buiten stond Emile, die zojuist zijn laatste wedstrijd voor het eerste had gespeeld. Hij vertelde heel rustig en emotieloos dat het 3-3 stond en dat concurrent De Wijker Toren dik achterstond. Daarmee was het kampioenschap al beklonken. Ik weet niet of de spelers dat al wisten. Die gingen echter stug door. Lange tijd leek het er niet op dat BSG zou winnen, maar toen Ewood zijn tegenstander enorm te grazen nam, was de negende overwinning van het seizoen alsnog een feit.

Zondag 10 mei 2009; BSG – Utrecht
Klassebehoud was na de tweede promotie op rij vanzelfsprekend het doel in het seizoen 2008-2009, maar ditmaal leverde het geen kampioenschap op. Daarvoor was het verschil tussen de eerste klasse en de meesterklasse toch echt veel te groot. De toon werd al in de eerste wedstrijd gezet, toen LSG met een enorm machtsvertoon de twee punten ophaalde. BSG kwam er het hele seizoen totaal niet aan te pas en de hoogtepunten beperkten zich in de wedstrijden slechts tot een aantal individuele succesjes. In de laatste wedstrijd ging het tegen Utrecht ook nergens meer om. Large scoorde die dag nog wel zijn eerste overwinning in de meesterklasse, terwijl Le en Ewood op een hoogst bedenkelijke score van een half punt bleven staan. Versterking VR had het nog voor het eind van het seizoen voor gezien gehouden.

Toen nog tegenstanders, maar inmiddels teamgenoten: Ewood en Thomas Willemze. Afbeelding: Edwin Baart
Zaterdag 17 april 2010; BSG – Vianen
Het mislukte meesterklasseavontuur leek het jaar erna zijn sporen nog te hebben achtergelaten, want erg goed was BSG niet op dreef. De teams waren goed aan elkaar gewaagd en dat betekende dat BSG, met Peter een jaartje in de gelederen, geregeld dure punten liet liggen. Tegen het eind van het seizoen was concurrent Caïssa in de onderlinge wedstrijd te sterk, waardoor ze na een slechte seizoenstart zelfs nog aan de leiding gingen. Caïssa speelde in de laatste ronde tegen het tweede team van Utrecht, dat in een degradatiestrijd was verwikkeld met Vianen, onze tegenstander. In Groningen won BSG zonder groots te spelen van het Brabantse team. Utrecht 2 verloor echter ook, zodat Caïssa kampioen werd. Utrecht 2 scoorde echter nog net genoeg bordpunten om Vianen voor te blijven, zodat de gezichten bij Utrecht – Caïssa een stuk vrolijker waren dan bij BSG – Vianen. Desondanks was er een feest na afloop vanwege Ewoods verjaardag.

Zaterdag 14 mei 2011; De Wijker Toren – BSG
Het jaar erop kreeg BSG, dat zich had versterkt met Robert Ris, een herkansing. Hoewel de wedstrijd tegen zusterteam SOPSWEPS op een knullige manier verloren ging, werd concurrent Purmerend halverwege het seizoen overtuigend verslagen. Daarna was het alleen nog een kwestie van geen fouten maken en dat was gemakkelijker gezegd dan gedaan.

De gemeenschappelijke slotronde was namelijk nog een hele beproeving. Dat had vooral met de verkeerssituatie te maken, want bij Amsterdam was die zaterdag een enorm verkeersinfarct ontstaan door een ongeluk, waardoor Purmerend vrijwel onbereikbaar werd en veel spelers te laat kwamen. BSG kwam uiteindelijk met acht man op tijd aan in de speelzaal. Uitgerekend de Amsterdammers Leon Pliester en Frans Borm waren te laat. Ze begonnen bijna een uur te laat onder protest aan hun partij. Leon kwam uiteindelijk niet verder dan remise, terwijl Frans zelfs een nederlaag kreeg te slikken. Ze eisten allebei genoegdoening. De ene wilde het resultaat nietig verklaren en de ander wilde de partij overspelen. Beide eisen werden niet ingewilligd. Het maakte allemaal ook niet meer uit, want BSG won relatief eenvoudig met 7-3 van De Wijker Toren, dat daardoor afdaalde, terwijl BSG promoveerde. Dat was nog eens een geluk bij een ongeluk…

Zondag 22 april 2012; BSG – HSG
Erg lekker draaide BSG aanvankelijk niet in de meesterklasse. De dikke nederlagen volgden elkaar in hoog tempo op en halverwege het seizoen stond het team troosteloos op de laatste plaats. De andere teams waren al lang en breed uit het zicht verdwenen. Maar toen keerde het tij ineens. Het sterke team van Apeldoorn werd verrassend op een gelijkspel gehouden. Eindelijk had BSG een puntje gescoord in de meesterklasse! Vervolgens was de rem eraf en werden De Stukkenjagers en Utrecht (met veel mazzel) geklopt. Alle pech van de eerdere vruchteloze wedstrijden werd door die paar wedstrijden meer dan gecompenseerd.

In de slotronde stond in Rosmalen de wedstrijd tegen aartsrivaal HSG op het programma. De Hilversummers waren al gedegradeerd, maar dat belette ze niet om heel sterk op te komen. Uiteindelijk werden er vier grootmeesters uit de hoge hoed getoverd. Het mocht niet baten. De grootmeesters aan HSG-zijde werden op 50% gehouden, onder andere door een spectaculaire zege van Robert Ris op Daniel Stellwagen; al had hij die partij ook zo kunnen verliezen. Op de lagere borden zat het BSG niet eens mee: zo verknoeide Ton een goede stelling en deed ik ongeveer hetzelfde. Door overwinningen van Frans, Large en Le won BSG de wedstrijd met het kleinst mogelijke verschil. Doordat Apeldoorn van LSG won, klom BSG daardoor zelfs naar de veilige achtste plaats. Wat een comeback! Na vijf nederlagen won BSG ineens drie van de laatste vier wedstrijden en dat was dus genoeg om erin te blijven.

Er zat wel een smetje aan de bijzondere dag, want bij de afsluitende maaltijd deelde Le zijn vertrek mede, zodat BSG op zoek kon gaan naar een nieuwe speler. Het zou helaas niet bij één speler blijven…

Zaterdag 20 april 2013; Kennemer Combinatie – BSG
In de zomer van 2012 ging BSG 1 flink op de schop. Naast Le stond ook Frans zijn plaats af. De Bridgende IM wilde liever in het tweede spelen. Ook werd de Oekraïense grootmeester Berelowitsch bedankt voor zijn diensten. Voor hen in de plaats kwamen drie nieuwe spelers: Tea Lanchava, Frank Erwich en Alexander van Beek. Zij zagen in de eerste wedstrijd van het seizoen hoe Leon Pliester meer dood dan levend de zaal binnen kwam strompelen. Het was inderdaad helemaal mis met hem en anderhalve maand later was half schakend Nederland aanwezig om hem een laatste eer te bewijzen.

Sportief gezien was het seizoen van 2012-2013 er een met ups en downs. Nadat De Stukkenjagers opnieuw werden verslagen en er een puntje werd gepakt tegen HMC, bleven de punten daarna meestal ver buiten bereik. In de slotronde stond het duel tegen de Kennemer Combinatie, dat net boven de streep stond, op het programma.

In de toren van En Passant stonden de liveborden al opgesteld. In feite was dit de enige wedstrijd die er nog toe deed: de organiserende vereniging was al lang en breed kampioen en De Stukkenjagers waren al gedegradeerd. BSG moest de wedstrijd per se winnen om erin te blijven. Dat doel raakte al snel uit zicht toen BSG op een 2-0-achterstand kwam. Gelukkig werd die achterstand daarna in een voorsprong omgebogen. In de slotfase was het nagelbijten. Berelowitsch speelde remise. Ewood mazzelde zich naar een overwinning. Large verloor van Robin van Kampen. Nog twee borden bezig. Er was nog een punt nodig. Tea leek kansen op minimaal remise te hebben, maar verloor. Henk stond gelukkig een stuk voor en won toen zijn tegenstander zich door zijn vlag liet gaan. BSG had het weer geflikt!

Zaterdag 10 mei 2014; BSG – Dr. Max Euwe
Met de nieuwe aanwinsten Li Riemersma en Thomas Willemze ging het in 2013-2014 ook nog niet echt voor de wind in de meesterklasse. Na een goede start van twee overwinningen gingen vervolgens alle wedstrijden verloren. Ondanks de vele nederlagen stond BSG bij het ingaan van de laatste ronde achtste, nog voor Apeldoorn, de runner-up van het vorige seizoen.

Apeldoorn kende een werkelijk waar dramatisch seizoen, waarin helemaal niets lukte. De toon werd al in de eerste ronde gezet, toen BSG de twee punten ophaalde. In het vervolg bleef het ploeteren voor het team, dat alleen tegen rodelantaarndrager Dr. Max Euwe de volle winst wist te pakken. De Enschedeërs waren wat toevallig in de meesterklasse verzeild geraakt en dienden vooral als kanonnenvoer; ze verloren alle wedstrijden. Het betekende dat BSG, dat in de laatste ronde tegen de staartploeg speelde, zich op eigen kracht zou moeten kunnen handhaven.

De voortekenen waren gunstig, want Robert had het team in de week voor de wedstrijd al op voorsprong gezet. Die voorsprong werd er op de wedstrijddag echter al gauw doorheen gejaagd. Alexander werd in sneltreinvaart naar een nederlaag gespeeld, terwijl Ton twee zetten omdraaide en vrijwel meteen verloor. Het had nog erger kunnen worden, maar Thomas won op de een of andere manier nog een stelling met een kwaliteit minder, zodat de stand 2-2 was in plaats van 1-3. Daarna trapte BSG het gas maar wat dieper in en liep het uit naar een 7-3-overwinning. Het betekende dat Apeldoorn, dat ook nog van LSG verloor, moest afdalen naar de eerste klasse.

Zaterdag 25 april 2015; BSG – SISSA
In het seizoen 2014-2015 werd BSG versterkt met Robin van Kampen en ineens was het team kampioenskandidaat. Aanvankelijk leek En Passant gewoon weer met het kampioenschap aan de haal te gaan, maar de titelverdedigers kenden halverwege het seizoen een bijzonder zwakke fase, zodat de andere teams ook ineens kans op de titel maakten. Uiteindelijk ging het kampioenschap tussen Charlois Europoort en BSG. Het verschil tussen de ploegen was het gemak waarmee ze wonnen, want waar BSG het hele seizoen maximaal met 6-4 (!) wist te winnen, schoten de Rotterdammers wat heftiger uit hun slof, zodat ze bij het ingaan van de laatste ronde een beter doelsaldo hadden. Wel moesten ze nog tegen het altijd lastige LSG, terwijl BSG het op papier zwakkere SISSA trof.

In het Denksportcentrum zat het tweede in eenzelfde situatie als het eerste: het kampioenschap was mogelijk, maar dan moest concurrent HSG een misstap begaan. Het tweede won en dus hield iedereen zijn adem in. Zou BSG 1 het redden? Op internet werden de scores live bijgehouden. BSG 1 stond met 5½-3½ voor en had dus in ieder geval gewonnen. Wat zou Charlois doen? Zij stonden met 4½-3½ voor en hadden dus nog een punt nodig uit de laatste twee partijen. Mark van der Werf voerde de spanning op door de gelijkmaker te produceren, dus lag het lot van het kampioenschap in handen van Michiel Bosman (LSG) en Julian van Overdam (Charlois). Tot ontzetting en ongeloof van iedereen die BSG die dag een warm hart toedroeg liet Bosman zich bij het sluiten van de markt de kaas van het brood vreten, zodat Charlois kampioen werd. Het ironische was dat diezelfde Bosman uiteindelijk als bestuurslid van de KNSB ook de prijsuitreiking verzorgde. BSG restte een tweede plaats.

De helden van BSG die vorig jaar eervol tweede werden. Afbeelding: Facebook.
Dat was het overzicht van de slotrondes van de afgelopen tien jaar. Welk sterk verhaal wordt hier morgen aan toegevoegd?

17-04-16

Wie houdt Rosberg nog tegen?

Het wil dit seizoen nog niet echt lukken voor Luis. Nadat hij in Australië en Bahrein twee keer al na de eerste bocht achter de feiten aanliep, ging er in China helemaal niks naar wens voor hem. Rosberg profiteerde en won de derde race van het seizoen, waardoor hij ruimschoots aan de leiding gaat in het kampioenschap.

Het hele weekend in China stond in het teken van de banden. Door het nieuwe bandenreglement waren nu ook de superzachte banden in de kwalificatie en race beschikbaar en dat zorgde bij de teams voor hoofdbrekens, want het loopvlak van de rode banden zou in de lange bochten al snel aan stukken gescheurd worden. Het probleem werd nog verergerd doordat Pirelli enorm hoge bandendrukken had voorgeschreven, waardoor veel coureurs klaagden dat hun banden binnen de kortste keren oververhit raakten. De teams van Renault en Haas, dat zo goed aan het seizoen was begonnen, kregen daardoor hun afstelling maar niet voor elkaar, zodat ze de Saubers en Manors het hele weekend in de achterhoede gezelschap konden houden.

Goed nieuws was er overigens voor de kwalificatie: die krakkemikkige opzet van de eerste races was eindelijk door de teams afgeschoten, zodat de kwalificatie in China weer op de gebruikelijke manier verliep. Maar zou de kwalificatie veel interessanter verlopen dan de vorige twee? De kans bestond namelijk dat het voor de coureurs in de subtop voordelig was om niet tot de laatste kwalificatiesessie door te dringen, omdat ze de race dan op nieuwe banden konden starten. Doordat de sessie tegen alle verwachtingen in droog verliep, speelde de bandenstrategie voor de race een grote rol. De kwalificatie begon nog wel op een gedeeltelijk natte baan en werd tweemaal stilgelegd: eerst toen Wehrlein op een natte plek op het rechte stuk de controle over zijn wagen verloor en daarna toen er een wiel van Hülkenbergs wagen rolde. De onderbreking betekende dat de Toro Rosso's zich opnieuw in de top 10 kwalificeerden, maar dat was slechts een pyrrusoverwinning.

In de laatste kwalificatiesessie gaat het tussen Rosberg en de Ferrari's. Luis, die al wist dat hij vijf plekken op de startopstelling moest inleveren vanwege een versnellingsbakwissel, kwam vanwege motorproblemen niet eens in actie en moest dus als laatste starten. Heel anders ging het er bij Rosberg aan toe. De Finse Duitser had zich op de gele zachte banden voor de laatste sessie geplaatst, wat betekende dat hij een bandenvoordeel in de race had. In de laatste sessie rijdt hij rustig de snelste tijd, waarna de Ferrari's onderling mogen uitmaken wie er tweede wordt. Ze worden het allebei niet, want in de slotseconden van de sessie duwt Ricciardo ze van de eerste rij af. Räikkönen moet genoegen nemen met een derde plek, Fattle is slechts vierde.

Toch zal Fiat-baas Sergio Marchionne de race met vertrouwen tegemoet gezien hebben, want met Luis achteraan lijkt een dubbele podiumklassering een reële mogelijkheid. Hij krijgt echter de schrik van zijn leven als de Ferrari's elkaar in de eerste bocht van de baan beuken. Fattle schrikt van Kwjat, die hem binnendoor brutaal voorbijsteekt en geeft een ruk aan het stuur. Net op dat moment stuurt Räikkönen naar zijn teammaat toe, waardoor de twee elkaar raken. Räikkönen verliest zijn voorvleugel, Fattle een hoop plaatsen. Achter hen raakt ook Luis buiten zijn schuld zijn voorvleugel kwijt, zodat hij met Grosjean en Räikkönen naar de pits strompelt.

Door de ongelukken ligt de baan bezaaid met brokstukken. Toch wordt de race niet even geneutraliseerd om de rommel op te ruimen en dat wordt Ricciardo, die bij de start de leiding had gepakt, bijna fataal. Precies op het moment dat Rosberg de aanval inzet, explodeert Ricciardo's linker achterband. De Australiër strompelt naar de pits om de band te vervangen en valt ver terug. Het wordt nog leuker voor hem als de safetycar een ronde later wel de baan opkomt, zodat de koplopers massaal de pits induiken en de lachende Australiër voorblijven.

De safetycar blijft het veld een hele tijd aanvoeren en dat geeft het team van Mercedes de tijd om wat te gaan rotzooien met Luis' strategie. Hij duikt twee ronden achter elkaar de pits in. In de tussentijd heeft hij precies één ronde op de superzachte band gereden, zodat hij aan de krankzinnige bandenregel had voldaan en de race verder alleen op de superieure zachte banden kon uitrijden. Dat zou hem bij zijn inhaalrace moeten helpen.

Bij de herstart neemt Rosberg kordaat het voortouw. Achter hem liggen Massa, Alonso, Wehrlein en Gutiérrez. Kwjat is de eerste coureur op nieuwe banden en hij maakt daar meteen flink gebruik van. Al binnen een ronde is hij naar de derde plek opgerukt en even later neemt hij ook Massa te grazen. Rosberg is dan echter al aan de horizon verdwenen.

In het middenveld proberen de Ferrari's, Luis en Ricciardo door het veld heen te klieven. De Hazen, Manors, Force India's en McLarens lijken slechts als figuranten te dienen in het inhaalspektakel. Waar Fattle iedere bocht een positie lijkt op te schuiven, vliegt Luis met rokende banden langs Räikkönen. Heel veel progressie maakt hij daarna niet meer en na de pitstops is de volgorde weer omgedraaid.

Voor de McLarens is het mooiste er dan wel weer vanaf. Alonso deed een tijd leuk vooraan mee, maar werd toen aan alle kanten ingehaald en kwam er na zijn stop amper meer aan te pas. Betere zaken lijkt Button te doen, maar ook hij valt gedurende de race ver terug. Force India heeft het dit seizoen totaal niet voor elkaar. Na de blunder in de kwalificatie werd het team in de race tweemaal op de vingers getikt. Zo kreeg Hülkenberg een tijdstraf omdat hij tijdens de safetycarfase de pitstraat te langzaam was binnengereden. Fattle was hem en Science bij het binnenrijden van de pits brutaal voorbijgestoken, waar hij overigens weinig aan had omdat zijn beschadigde voorvleugel werd vervangen. Pérez hing een straf boven het hoofd vanwege een unsafe release tijdens diezelfde safetycarfase.

Waar Fattle halverwege de race alweer naar het podium is opgerukt, zitten Luis en Räikkönen nog achter Science te tobben. Luis pusht zo hard als hij kan, maar ziet de twee desondanks bij hem vandaan rijden, zodat hij opnieuw naar de pits gaat. Ditmaal krijgt hij de hardste banden mee, waarmee Mercedes aantoonde dat hun gegoochel met banden weinig resultaat had gehad, want na Luis' vijfde (!) pitbezoek zat hij met de Haas van Gutiérrez om de elfde plaats te strijden...

Ondertussen had Fattle zich aan de staart gemeld van degene met wie hij nog een appeltje had te schillen. Red Bull reageert echter adequaat en haalt Kwjat tegelijk met Fattle naar de pits. Ze komen in dezelfde volgorde de pits uit, met tussen hen in Räikkönen. Ditmaal gaat alles goed in de eerste bocht, waarna Fattle zijn teammaat passeert en meteen jacht maakt op de Rus. Die is bij zijn stop overgestapt naar de hardere banden en valt meteen ten prooi aan de geagiteerde Duitser.

Achter hen is Max stilletjes naar een vierde plaats opgerukt. Nadat hij bij de start en de eerste pitstop veel terrein had verloren, werkte hij zich in de race geleidelijk op. Wel heeft hij de Williams' van Massa en Bottas in zijn kofferbak, die op hun beurt Luis in hun kofferbak hebben. In de achtergrond komt Ricciardo opzetten. Max banden hadden hun beste tijd echt wel gehad en nadat Massa hem eindelijk de oren had gewassen, duikt hij de pits in voor zijn laatste setje banden.

Met Massa als nieuwe locomotief gaan de gevechten in het treintje gewoon door. Luis kwakt zijn auto in een scherpe bocht langs die van Bottas, waarna Ricciardo de Fin op het rechte stuk ook te grazen neemt. Vervolgens probeert Luis op dezelfde manier ook Massa in te halen, maar dat mislukt, waardoor Ricciardo de regerend wereldkampioen voorbijgaat. Ricciardo vliegt ook meteen langs Massa en is vierde.

Luis is nog niet uitgespeeld en hij grijpt zijn titelrivaal van acht jaar geleden nog eens aan. Achter hen is Räikkönen na een late stop eveneens op oorlogspad. Nadat hij Bottas was gepasseerd, kwam hij met grote stappen dichterbij aan de vechtersbazen. In de haarspeldbocht gaat ook hij de wereldkampioen voorbij, waarna hij Massa inrekent en vijfde wordt.

Luis kwam de Braziliaan maar niet voorbij. Achteraf bleek hij opnieuw bij de start schade te hebben opgelopen, waardoor zijn bolide de banden in een hoog tempo opvrat. In de slotfase moet Luis zelfs nog oppassen voor Max, die op nieuwe banden een prima tempo te pakken had. Ditmaal mag hij zijn teammaat voorbij, waarna hij Bottas de oren wast en tot aan de staart van Luis oprukt. Hij komt net een ronde tekort voor de zevende plaats, maar met de achtste plaats mag hij ook dik tevreden zijn. Science, die het hele weekend sneller was dan Max, behalve in de race, gaat Bottas nog in de laatste ronde voorbij en wordt negende. Bottas pakt het laatste punt.

Winnaar werd Rosberg, die sinds Mexico vorig jaar ongeslagen is. De Finse Duitser kende een buitengewoon saaie race en won met meer dan een halve minuut voorsprong. Tweede werd Fattle, die zijn ongenoegen over wat er bij de start gebeurde niet onder stoelen of banken stak. Opnieuw presteerde Ferrari niet naar haar mogelijkheden, al was het positief dat beide wagens ditmaal heel bleven. Dat was overigens niet zo'n prestatie, want uiteindelijk kwam iedereen aan de finish, wat gezien de chaos bij de start als een wonder gezien mag worden. Grosjean was de enige coureur die met de gedachte speelde op te geven, zo slecht bestuurbaar vond hij de auto. De Zwitserse Fransoos eindigde als negentiende, vijf plekken achter zijn teamgenoot. Na de twee puntenfinishes werd Haas in China met beide konijnenpoten op de grond gezet. Palmer had overigens de twijfelachtige eer om als 22e en laatste over de streep te hobbelen.

Door zijn overwinningen heeft Rosberg na drie races al bijna het dubbele aantal punten van Luis, die de verbazingwekkend constante Ricciardo en Fattle in zijn nek heeft hijgen. Het seizoen is nog lang, maar in deze vorm is Rosberg moeilijk te stoppen. Wie houdt hem nog tegen?

16-04-16

Persoonlijke ontwikkeling

De afgelopen jaren is er in mijn leven veel gebeurd. Ik heb niet stilgezeten en ik ben me maar al te zeer bewust van hoe ik ben veranderd. Vier jaar geleden schreef ik een artikel over hoe ik mij had ontwikkeld. Het artikel ging vooral over mijn studietijd en over de dingen waar ik toen enorm tegenop zag. Over die veldwerken die ik enorm spannend vond. Twee weken van huis! Mensen enquêteren! Een enigszins wetenschappelijk verantwoord verslag schrijven! Het is niet dat ik daar nu mijn hand niet meer voor omdraai, maar tegenwoordig heb ik weer hele andere uitdagingen. Ik woon nu zelfstandig en ik probeer mijn zelfstandige leven op een aangename manier voor mijzelf in te richten. Ik ben op zoek naar een vaste baan en ik zou graag eindelijk eens een vriendin willen. Voor de gemiddelde man die tegen de dertig loopt zijn dat waarschijnlijk al gepasseerde stations, maar voor mij zijn het nog steeds vervelende obstakels.

Toch was ik met die problematiek begin 2012 nog niet bezig. Ik was net afgestudeerd en ik had op de universiteit wat werk aangeboden gekregen. Het leven was toen nog eenvoudig en ongecompliceerd, maar al gauw kwam daar verandering in. Voor m’n gevoel kreeg ik in dat ene jaar genoeg ellende voor een heel mensenleven te verwerken. Het heeft me minstens een jaar gekost om de boel in mijn leven weer een heel klein beetje op orde te krijgen, maar ik ben de klap nog steeds niet helemaal te boven. Misschien zal dat ook wel nooit gebeuren. Soms heb ik het idee dat het weer beter gaat en denk ik dat ik de wereld misschien wel aankan. Helaas duren die momenten niet al te lang. Al snel val ik terug en zie ik overal enorm tegenop en komt er niets meer uit mijn vingers. Falen is in mijn leven gewoon geworden. Slagen voelt ongemakkelijk en onvertrouwd.

Ook ben ik in de tussentijd een hoop contacten kwijtgeraakt. Dat heeft waarschijnlijk drie oorzaken. De geleidelijke overgang naar zelfstandig wonen heeft er natuurlijk voor gezorgd dat ik nu veel minder mensen om me heen heb. Daarnaast zijn veel vrienden en kennissen afgestudeerd en eveneens aan het werkzame leven begonnen, waardoor ze verder weg zijn gaan wonen en minder tijd hebben. En ten slotte is Facebook geen MSN. Diepgaande gesprekken (voor zover ik die vroeger op MSN gevoerd heb) zijn er vaak niet bij. Aan de andere kant lukt het me niet echt om nieuwe vrienden te maken. Ik ben daar nooit zo goed in geweest en in deze barre tijden lukt het me helemaal niet. Door alle ellende van de laatste jaren ben ik niet meer zo’n leuke gesprekspartner en dat stoot ook mensen af. Eerst moet ik maar weer goed in m’n vel zitten en dan hebben die vriendschappen misschien ook kans van slagen.

Dat gezegd hebbende: ik heb sinds ruim anderhalf jaar wel meer contact op mijn werk. In de zomer van 2014 werd onze afdeling verbouwd. De chaos betekende dat ik mijn oude, vertrouwde werkplek kwijtraakte en daar was ik natuurlijk niet zo blij mee. Gelukkig was het in de week na de verbouwing rustig en kwam ik op de kamer met twee Chinese dames die me redelijk in de watten leggen. Tja, het leven kan soms raar lopen. Ook ben ik sinds een aantal maanden lid van de feestcommissie van ons departement. Tja, een lelijke uitvoering van Johan Derksen die in de feestcommissie zit, daar kan ik de humor nog wel van inzien. In ieder geval heb ik nu op mijn werk wat aanspraak en oefen ik elke week m’n Engels, want Chinees is nog steeds Chinees voor me. Laatst struikelde ik over het woord specific. Het lukte me maar niet om eerst de s en daarna de p uit te spreken, iets waar normaalgesproken alleen kleine kinderen last van hebben, maar ik nu dus ook. Een kwestie van te weinig praten denk ik, want zo’n tongbreker is dat woord nou ook weer niet.

De afgelopen jaren heb ik ook geprobeerd om wat zichtbaarder te worden in deze wereld. Ik was naarstig op zoek naar status en daarom wilde ik iets bijzonders produceren. In 2013 zat ik al over het schrijven een boek na te denken. Iets met verloren en gewonnen kampioenschappen. Uiteindelijk trok ik de conclusie dat ik van de meeste sporten niet genoeg wist om er iets zinnigs over te schrijven, dus besloot ik maar iets over de Formule 1 te schrijven, want van die sport meende ik wel enig verstand te hebben. Een boek schrijven doe je natuurlijk niet zomaar en het grootste gedeelte van mijn vrije tijd ging in 2014 op aan onderzoek. Ik probeerde namelijk het inhaalprobleem van de Formule 1 te doorgronden en dus was ik geregeld bezig met patronen in de data te ontdekken en hypotheses te toetsen. Begin 2015 had ik dan eindelijk mijn boek De technische geheimen van de Formule 1 af. Voor de verkoopcijfers had ik het niet hoeven doen, maar de naamsbekendheid die het mij opleverde en het interview in het regionale sufferdje vond ik veel belangrijker.

Inmiddels heb ik een hoop nieuwe inzichten verworven, dus misschien kan ik nog een vervolg op het boek schrijven. Helaas vordert het onderzoek niet zo snel als ik had gehoopt. Ik ben niet iemand die zich blind op een taak stort, maar ik vraag me altijd af of mijn manier wel goed is en of het niet makkelijker kan. Doordat ik een beetje schermblind aan het worden ben, probeer ik ook niet te lang intensief naar het scherm te kijken. Het gevolg is dat ik op sommige dagen niet echt op gang kom en maar weinig doe. In ieder geval is het Formule 1-onderzoek een lastige puzzel waarbij ik met veel moeite steeds weer enkele puzzelstukjes vind. Hopelijk kan ik later dit jaar de puzzel dan ook echt leggen, maar de hoeveelheid werk die ik daarvoor nog moet verzetten, is behoorlijk. Wel heb ik het idee dat ik als onderzoeker de laatste jaren gegroeid ben en dat ik doelgerichter en preciezer data kan analyseren dan vroeger. Is er toch nog iets ten goede veranderd…

14-04-16

Niet cool man!

De oplettende lezer was het natuurlijk al heel wat eerder opgevallen, maar ik merkte vandaag pas dat er geen column van Luuk Koelman in de Metro stond. Voor de zekerheid bladerde ik de krant nog een tweede keer door, om te zien of mijn wekelijkse hoogtepunt niet toevallig op een vreemde plaats stond, maar nee, het was nergens te bekennen. Later op de dag leerde ik waarom: Koelman is gestopt.

Koelman is bij het grote publiek misschien nog wel het meest bekend door zijn stunt met het AD tijdens het WK Voetbal in 2010, toen hij zich als een in Japan woonachtige Nederlander voordeed en allerlei nepnieuws de wereld in hielp. Dat was effe flink lachen! Maar het was ook zorgwekkend dat een grote krant zo makkelijk te misleiden was. Als columnist zocht Koelman ook altijd de grens van het toelaatbare op. Zo nu en dan ging hij daarbij flink over de schreef, al kon hij daar weer met geweldige zelfspot over schrijven. Doorgaans waren zijn analyses echter haarscherp en kon hij de lezer op een geweldige manier de spiegel voorhouden.

Een paar weken geleden ging Koelman opnieuw over de schreef. Zijn column werd niet gepubliceerd en vandaag kwam dus het nieuws naar buiten dat hij en het enig overgebleven gratis treinkrantje van Nederland "in goed overleg" uit elkaar zijn gegaan. Wat had hij dan voor iets vreselijks gedaan? Had hij weer over de rug van een dooie een statement geprobeerd te maken?

Nee, hij had slechts een kritisch stuk geschreven over dat nepreferendum van vorige week. Dat het een staaltje aandachtstrekkerij van Geen Stijl was. Maar hij had zijn kop natuurlijk moeten houden over de Telegraaf-mediagroep, die eigenaar van onder andere de Metro is. Nadat de column ook in tweede instantie was geweigerd, heeft Koelman waarschijnlijk zijn conclusies getrokken. Als je als columnist niet meer onafhankelijk bent, verlies je natuurlijk meteen ook je geloofwaardigheid. Het kan niet anders of hij komt bij een andere krant wel weer aan de bak, maar wat zal ik zijn schrijfsels gaan missen!

12-04-16

Van schertsvertoning tot modelpartij

Het competitieseizoen nadert alweer zijn einde. Over anderhalve week moet BSG 1 in de slotronde van de KNSB-competitie klassebehoud zien veilig te stellen, terwijl er in de interne nog vijf reguliere clubavonden zijn. Het begin van de tweede competitiehelft ging voor mij erg stroef. Door hardnekkige verkoudheden en vastgevroren fietsremmen kwam ik aanvankelijk nauwelijks in actie. En die keer dat ik m'n gezicht dan toch liet zien, gebeurde er dit:



Het betekende dat ik me ineens rond een twintigste plek terugvond en daar was ik natuurlijk niet zo gelukkig mee. Iemand van mijn statuur moest natuurlijk makkelijk in de top 5 mee kunnen draaien. Gelukkig ging na die nederlaag de knop om. Ik was wakkergeschud en ik besloot het gaspedaal nu eens flink in te trappen. In de weken die volgden was ik braaf van de partij en versloeg ik zonder al te veel problemen wat makkies in modelpartijen. En ineens stond ik weer zesde... Gisteren had ik eindelijk weer een echte partij:



Het was niet mijn beste partij van de afgelopen weken en dat moest ik kennelijk bekopen met drie plekken verlies in de stand. Die overwinningen van de spelers van het derde, die in de benedenzaal het team van Doorn-Driebergen met 6-2 van de mat speelden, leverden kennelijk meer op dan mijn overwinning tegen een gerespecteerde tegenstander... Dat is dan toch weer het merkwaardige van het keizersysteem. Het betekent in ieder geval dat ik het gaspedaal de komende weken, na het snelschaakkampioenschap, diep ingedrukt moet houden om me voor de play-offs te plaatsen. Gelukkig lijkt die spanning mijn spel ten goede te komen...

De partijen werden mede mogelijk gemaakt door Knightvision.

11-04-16

Eens maar nooit weer

Niet omdat het moet, maar gewoon omdat het kan, dat is tegenwoordig de lijfspreuk van jong Nederland. Mensen hebben tegenwoordig nogal de neiging dingen te gebruiken die ze helemaal niet nodig hebben. Het omgekeerde komt ook voor, want mensen zijn meesters in het creëren van hun eigen hindernissen. Waarom makkelijk doen als het ook moeilijk kan? Zo kwam ik op het idee om van mijn huisje naar Amsterdam te fietsen en weer terug, in plaats van de trein te pakken. Het was geen succes.

Gedurende een korte periode in de lente staan de kersenbomen in het Bloesempark in het Amsterdamse Bos volledig in bloei en ter ere van die korte periode was er afgelopen zaterdag een Japans festival. Het leek mijn collega's ook leuk om van de prachtige natuur te genieten, dus spraken we af om na het festival bij de ingang van het bos af te spreken. Omdat het vanaf daar nog best een eind lopen is naar het park, leek het me niet eens zo'n gek idee om mijn fiets mee te nemen. En die dertig kilometer heen en terug zou mijn conditie alleen maar ten goede moeten komen.

Aanvankelijk ging alles nog goed, al slaagde ik erin de snelste route het dorp uit te missen. Ik fietste rustig langs de weilanden, over de bruggen en faunapassages (ik vind het overigens een beetje apart om fietsers nou tot fauna te rekenen), totdat ik bij de Gaasperplas uitkwam. Ik was net in het park toen ik een sissend geluid hoorde. Ik wierp een bezorgde blik naar mijn achterband en ik zag dat ik al bijna op mijn velg reed. Mijn band was dus lek.

Het was alweer een tijdje geleden dat ik een lekke band had. Ik was er juist een beetje gewend aan geraakt dat fietsbanden ook heel kunnen blijven. Vroeger gingen mijn banden om de haverklap lek. En dat terwijl ik altijd goed uitkijk dat ik niet over glas rijd en zo voorzichtig mogelijk over drempels en stoepranden probeer te gaan. Wat er toch mis was met die fietsbanden heb ik nooit zo begrepen. De banden van een auto gaan toch ook bijna nooit uit zichzelf lek? Helaas sloeg het noodlot nu toe op het slechtst denkbare moment, ver van huis, halverwege de route naar mijn bestemming.

Het betekende dat ik eerst het hele park door moest wandelen, waarna ik op de bedrijventerreinen in Zuidoost uitkwam. Helaas waren zo'n beetje alle routes het gebied uit gestremd, waardoor het me nog meer tijd en moeite kostte om het gebied uit te komen. Gelukkig reageerde m'n pa uiteindelijk op mijn wat paniekerige oproep. Hij zou naar Amsterdam afreizen met zijn fiets achter in de auto. Uiteindelijk ontmoetten we elkaar bij station Rai, waar we de fietsen verwisselden. Met een achterstand van bijna drie uur vervolgde ik mijn weg.

In de tussentijd had mijn collega met haar verloofde in het restaurant bij de ingang van het bos al die tijd braaf op me gewacht. Verder was er niemand. Degenen die hadden aangekondigd misschien te komen, waren allemaal thuisgebleven. Ben ik dan de enige persoon die met misschien meestal ja bedoelt? We verorberden met z'n drieën twee pannenkoeken en gingen daarna naar het park, waar ondanks het late tijdstip nog steeds veel mensen waren. We gingen wat foto's van de bomen en van elkaar maken.

Het Apenhoofd, de Vliegende Hollander.
Inmiddels was het alweer laat geworden, dus ging ik de terugreis aanvangen. Het werd een enorme beproeving. Doordat ik amper bij de trappers kon komen, kreeg ik enorme kramp in mijn tenen. Echt snel ging ik niet en doordat her en der wegen waren afgezet, was het een hele klus om Amsterdam uit te komen. De bewegwijzering zorgde voor nog meer verwarring, want het leek wel alsof alle wegen weer op mijn beginpunt uitkwamen. In Zuidoost stond helemaal weinig aangegeven (die groene bordjes met piepkleine witte lettertjes waren in het donker totaal niet leesbaar) en dus schoot het maar niet op. Na twee uur was ik eindelijk de stad uit, waarna ik nog anderhalf uur nodig had voor het stuk naar huis. Helemaal kapot van de kramp en spierpijn kwam ik thuis, waar ik maar moeilijk slaap kon vatten. Ik had mijn lesje wel geleerd.