27-11-14

Het Formule 1-rapport

Wat een seizoen, wat een seizoen! 2014 was in ieder geval niet saai, altijd gebeurde er wel wat: of het nou de felle titelstrijd tussen Hamilton en Rosberg was, het geklaag over het geluid van de turbomotoren, de teams die het hoofd (bijna) niet boven water konden houden, of dat vreselijke ongeluk van Bianchi.

Hoewel er in 2014 een einde kwam aan vier jaar Red Bull-dominantie, kwam er een jaar Mercedes-dominantie voor in de plaats. Niet alleen als team was Mercedes dominant, maar ook als motorleverancier. Om die reden konden de teams van Red Bull en Ferrari geen vuist maken. Omgekeerd gooide het team van Williams na een dramatisch 2013 opeens hoge ogen met maar liefst negen podiumplaatsen. Kortom: de motoren speelden in 2014 een hoofdrol.

De turbomotoren waren bij de fans weinig geliefd vanwege het magere geluid en bij de teams vanwege de enorme kosten: naast de motor en de turbo was er ook nog een energieterugwinsysteem: stuk voor stuk kwetsbare onderdelen die tegen enorme kosten moesten worden ontwikkeld. Het betekende dat de achterhoedeteams de grootste moeite hadden om het hoofd boven water te houden. Zo lieten Maroesja en Caterham aan het eind van het seizoen wedstrijden schieten, terwijl de teams van Sauber, Lotus en Force India dreigden hetzelfde te doen. Het toonde aan dat er veel mis is met de geldstromen in de Formule 1 en dat met name de achterhoedeteams er bekaaid vanaf komen.

Toch is het maar de vraag of de Formule 1 de achterhoedeteams zo hard nodig heeft. Zelfs met alle te verwachten kinderziektes van de nieuwe technologieën was het aantal terminale mechanische defecten gering. Het betekende dat de achterhoedeteams niet ineens de WK-punten voor het opscheppen hadden: alleen Bianchi lukte het in Monaco. De teams van Caterham en Sauber bleven puntloos. Kortom: om in de punten te eindigen had je een competitieve auto nodig. Ook in 2014.

De strijd om de hoogste plaatsen was in 2014 spannender dan wat we de laatste jaren gewend waren. Saaie races waren er nauwelijks. Het gevecht tussen de Mercedes-coureurs en de gevechten in de subtop tussen de teams van Red Bull, Williams, Ferrari en McLaren waren de moeite van het bekijken meer dan waard. Al met al was er met het spektakel op de baan weinig mis, zeker niet vergeleken met vorig jaar. Des te jammerder daarom dat het ongeluk van Bianchi en het faillissement van zijn team Maroesja een lange schaduw over het seizoen werpt. Tijd voor een overzicht van de tweede seizoenshelft:

België
Al in de tweede ronde komen de Mercedes’ met elkaar in aanraking: Hamilton loopt een lekke band op, waardoor hij niet meer in het stuk voorkomt, terwijl Rosberg schade heeft aan zijn voorvleugel en na een warrige inhaalrace niet verder komt dan de tweede plaats achter Ricciardo. Na afloop wordt Rosberg door het publiek uitgefloten en krijgt hij er ook door de teamleiding stevig van langs.
Stand: Rosberg-Hamilton-Ricciardo: 220-191-156

Italië
Hamilton verprutst zijn start, maar hij herovert al snel weer de leiding doordat Rosberg twee keer rechtdoor gaat in de eerste chicane. Massa pakt zijn eerste podium van het seizoen, voor Bottas, die eveneens een slechte start had. Ricciardo werkt zich in de slotfase op naar een puike vijfde plaats.
Stand: Rosberg-Hamilton-Ricciardo: 238-216-166

Singapore
De problemen stapelen zich op voor Rosberg, die bij door een gebroken kabel in de opwarmronde niet en in de race amper van zijn plek komt, waardoor hij op moet geven. Hamilton wint de race vrij makkelijk en neemt de leiding in het kampioenschap over. De Red Bulls van Vettel en Ricciardo staan op het podium, Alonso wordt vierde.
Stand: Hamilton-Rosberg-Ricciardo: 241-238-181

Japan
Op een kletsnat Suzuka voert Rosberg aanvankelijk het veld aan, maar wanneer de banden minder worden, stuift Hamilton hem voorbij. Achter hen knokken de Red Bulls zich langs de Williams’. De race wordt voortijdig beëindigd vanwege het tragische ongeval van Bianchi.
Stand: Hamilton-Rosberg-Ricciardo: 266-256-193

Rusland
De pole is voor Hamilton, maar Rosberg probeert de zaken al in de eerste bocht recht te zetten. Hij verremt zich echter en duikt meteen de pits in voor nieuwe banden, waarna hij zich vanuit de achterhoede opwerkt naar de tweede plaats. Hamilton wint onbedreigd, Bottas haalt het podium. Red Bull valt tegen: Ricciardo wordt zevende, Vettel achtste.
Stand: Hamilton-Rosberg-Ricciardo: 291-274-199

Verenigde Staten
Rosberg start van pole, maar wordt opnieuw halverwege de race door Hamilton ingehaald. Achter de Mercedes’ werkt Ricciardo zich via de pitstops langs de Williams’ en wordt derde, wat niet genoeg is om nog een rekenkundige kans op de titel te maken.
Stand: Hamilton-Rosberg: 316-292

Brazilië
Rosberg weer op pole en ditmaal wint hij de race. Hij wordt daarbij enigszins geholpen door Hamilton, die in een poging om tijd goed te maken van de baan vliegt en tijd verliest. In de slotfase kan hij zijn teamgenoot wel bedreigen, maar niet inhalen. Massa finisht voor eigen publiek als derde. Ricciardo valt uit.
Stand: Hamilton-Rosberg: 334-317

Abu Dhabi
In de dubbelepuntenrace laat Hamilton er geen gras over groeien: hij neemt meteen de leiding. Rosberg kan in de eerste helft van de race redelijk volgen, daarna verliest hij vermogen en valt hij ver terug. Hamilton wint voor Massa en Bottas en is kampioen. Rosberg wordt veertiende.
Eindstand: Hamilton-Rosberg: 384-317

De top 3 van 2014: Hamilton voor Rosberg en Ricciardo. Afbeelding: The Guardian.
De rapportcijfers

Mercedes (kampioen met 701 punten)
Hoezo dominant? Mercedes scoorde 51 WK-punten meer dan Red Bull op hun toppunt in 2011, al moet daarbij worden aangetekend dat 2014 in feite een race meer telde. Maar toch: met 18 polepositions en 16 overwinningen in 19 races liet Mercedes maar erg weinig liggen in een jaar dat in het teken stond van de complexe nieuwe powerunits. Natuurlijk heeft Mercedes geprofiteerd van de nieuwe regels, maar het team verdient respect voor de manier waarop het zijn klantenteams dit jaar de oren heeft gewassen: noch Williams, noch McLaren, noch Force India won een race. Ook verdient het team lof voor de gelijkwaardige behandeling van hun coureurs, waardoor het rijderskampioenschap tot aan de laatste race spannend bleef.
9

44 Lewis Hamilton (Wereldkampioen met 384 punten)
Eindelijk! Zes jaar na zijn eerste wereldtitel heeft Hamilton dan eindelijk zijn tweede te pakken. Het was een verdiende wereldtitel, want hoewel teamgenoot Rosberg het hem erg moeilijk maakte, was Hamilton in de races doorgaans de sterkere. Toch duurde het tot na de zomer voordat Hamilton de pechduivel had afgeschud. Na zijn controversiële botsing met Rosberg in België was de rem eraf en bereikte Hamilton een nieuw niveau. Hij verpulverde Rosberg in de races en won de titel in stijl met een dubbeltellende overwinning.
9

6 Nico Rosberg (2e met 317 punten)
Een gouden kans laten liggen: dat gevoel zal Rosberg wel hebben gehad na afloop van de Grand Prix van Abu Dhabi. In de beste auto moet je natuurlijk kampioen worden en dat is niet gelukt. Waar ging het mis? Niet in de kwalificatie: Rosberg stond elf keer op pole en dat leverde hem een trofee op. Maar de punten werden niet op zaterdag verdeeld. Op zondag was Hamilton gewoon sneller en bovendien een stuk slagvaardiger. De enige kans die Rosberg had om Hamilton te verslaan was door hem met psychologische spelletjes uit balans te brengen. In Monaco deed hij dat perfect en herwon hij het momentum, in België werd het zijn ondergang.
7

Puntenverloop van de Mercedes-coureurs en Ricciardo.

Red Bull-Renault (2e met 405 punten)
“Het seizoen begon twee maanden te vroeg”, was de verklaring van de kampioenen voor de opstartproblemen in 2014. Daarmee draaiden ze de zaken om, want waar de andere teams halverwege 2013 al de nieuwe auto’s aan het ontwikkelen waren, was Red Bull tot de laatste race van 2013 alleen maar bezig met records te breken. In ieder geval zit Red Bull door de komst van de turbomotoren in een lastig parket: zonder Mercedes-motor stel je niks meer voor in de Formule 1 en Mercedes wil geen motoren leveren aan Red Bull. Dus deugt het huidige motorreglement niet meer volgens het Oostenrijkse team. Het valt te hopen dat Renault volgend jaar iets beter voor de dag komt, want dat Red Bull uiteindelijk nog drie zeges en een tweede plaats bij de constructeurs behaalde, mag een klein wonder genoemd worden.
8

3 Daniel Ricciardo (3e met 238 punten)
Is Ricciardo het grootste slachtoffer van de turbomotoren geworden? Wie weet, Ricciardo waste Vettel constant de oren, ongeveer op dezelfde manier waarop Vettel Webber de oren waste. Daarmee was Ricciardo de verrassing van het seizoen en het riep de vraag op of hij zonder de zwakte van de Renault-motor niet fluitend kampioen was geworden. Hoewel de Red Bull in 2014 vaak maar net goed genoeg was voor het onderste treetje van het podium, won Ricciardo tegen alle verwachtingen in drie races, het teken van een echte kampioen. In ieder geval werd Ricciardo overtuigend best of the rest. Als Renault zijn zaakjes volgend jaar iets beter voor elkaar heeft, heeft Ricciardo volgend jaar pas echt reden tot schaterlachen.
10

1 Sebastian Vettel (5e met 167 punten)
Van 1 naar 5, net als volgend jaar zijn startnummer: Vettel moest in 2014 een stapje achteruit doen en was daar allesbehalve blij mee. Dat hij door een nobody als Ricciardo constant werd afgetroefd, zat hem al helemaal niet lekker. De reputatieschade is enorm. Nu is pas echt duidelijk dat Vettel zijn wereldtitels te danken had aan Newey. Daarom wil Vettel bij Ferrari maar al te graag laten zien dat hij een team kan opbouwen en dat hij ook in een slechte auto kan winnen. Bovendien kan hij het ten opzichte van Räikkönen alleen maar beter doen dan ten opzichte van Ricciardo. Een dappere keuze? Nee, gewoon laf. Vettel is een slecht verliezer.
5

Williams-Mercedes (3e met 320 punten)
Wat een jaar! De keuze voor de Mercedes-motoren was een schot in de roos, maar met de auto was ook weinig mis: Williams begon goed aan het seizoen en wist zich gedurende het seizoen knap te verbeteren. In de laatste races waren ze zelfs de naaste belagers van Mercedes. Uiteindelijk behaalde het team negen podiumplaatsen en een poleposition en daarmee verliep het jaar boven alle verwachtingen, vooral na een desastreus 2013. Daarin schuilt ook het gevaar, want hoe kan Williams voorkomen dat op een goed jaar niet weer een slecht jaar volgt, zoals de afgelopen vier jaar steeds gebeurde?
9

77 Valtteri Bottas (4e met 186 punten)
In 17 van de 19 races scoorde Bottas punten. In totaal mocht hij zes keer de gang naar het podium maken: viermaal werd hij derde, tweemaal werd hij tweede. Een schril contrast met vorig jaar, toen hij slechts één lullige achtste plaats behaalde in een auto die niet vooruit te branden was. In ieder geval liet Bottas een volwassen indruk achter: hij crashte niet, hij botste niet en hij bracht altijd zijn auto netjes aan de finish. Williams heeft een potentiële topcoureur in dienst.
8

19 Felipe Massa (7e met 134 punten)
Je kan veel van Massa zeggen, maar niet dat hij geen neus heeft voor goede auto’s: de nummer 9 van vorig jaar werd de nummer 3 van dit jaar. Hoewel Massa zich bij zijn nieuwe team als een vis in het water voelde, kostte het hem nog wel een hoop tijd om het predicaat brokkenpiloot af te schudden. Pas in de tweede seizoenshelft ging hij echt los en zette hij teamgenoot Bottas zo nu en dan met puike optredens in de schaduw. Met een tweede plek in de finale in Abu Dhabi besloot hij zijn eerste seizoen bij Williams op een fraaie manier.
7

Puntenverloop in de subtop (van Ricciardo tot Button).
Ferrari (4e met 216 punten)
Al zes jaar heeft Ferrari geen titel meer gewonnen en in 2014 was zelfs een overwinning te hoog gegrepen: Ferrari zit in een neerwaartse spiraal. Als excuus voor de magere prestaties in 2014 kon nog naar de powerunit gewezen worden: de zelfontwikkelde Ferrari-motor had niet genoeg vermogen en het energieterugwinsysteem schoot ernstig tekort. Het seizoen verliep van kwaad tot erger voor de Italianen: in de tweede seizoenshelft bleef het podium zelfs buiten bereik, waardoor Ferrari met pijn en moeite de vierde plek bij de constructeurs veiligstelde. Ondertussen werd het ene na het andere kopstuk (Domenicali, zijn opvolger Mattiacci en Di Montezemolo) op straat gezet door de Italiaanse kat in het nauw. Vooral het vertrek van de moegestreden Alonso zal zich nog goed doen voelen.
3

14 Fernando Alonso (6e met 161 punten)
McLaren? Of een jaartje ertussenuit? Na Vettels overstap naar Ferrari was het lang onbekend wat Alonso ging doen. De topteams waren al bezet, maar alles was beter dan het stagnerende Ferrari, dus ging hij maar naar McLaren. Na zijn mislukte Ferrari-avontuur begint de tijd te dringen voor de 33-jarige coureur, die in 2014 tweemaal op het podium stond en er in Singapore nog even aan mocht snuffelen. Aan het eind van het seizoen kwam Alonso niet verder dan wat puntenfinishes, waardoor de vicewereldkampioen van de afgelopen jaren afgleed naar de zesde plaats in het kampioenschap.
8

7 Kimi Räikkönen (12e met 58 punten)
Räikkönen en Ferrari: een mislukt huwelijk. Hoewel de Fin in 2007 nog zijn enige wereldtitel behaalde in zijn eerste jaar bij de Italiaanse renstal, was hij geen schim van de publiekslieveling die bij McLaren was. Dit jaar kreeg hij een herkansing, maar och, wat zullen hij en Ferrari er spijt van gehad hebben. Räikkönen kon het afgelopen jaar nooit echt zijn draai vinden in de turboauto en dat was duidelijk aan de resultaten te zien. Uiteindelijk scoorde hij ruim honderd punten minder dan Alonso, al moet daarbij worden aangetekend dat Räikkönen af en toe overduidelijk de tweede coureur was: steevast werd hij door zijn team bij de pitstops gepiepeld. Kortom: team en coureur vulden elkaar goed aan.
5

McLaren-Mercedes (5e met 181 punten)
Na de vijfde plaats van vorig jaar werd McLaren ook in 2014 vijfde. Positief: het team scoorde anderhalf keer zo veel punten, maar dat zal de teleurstelling bij Ron Dennis en de zijnen niet hebben weggenomen. Voor overwinningen kwam McLaren opnieuw niet in aanmerking. Sterker nog: de verrassende podiumklassering in de openingsrace kon in de rest van het seizoen niet meer worden geëvenaard. En dat met veruit de beste motor van het veld. Hoe kan dat dan toch? Het valt te hopen voor McLaren dat de wagen van 2015 aerodynamisch iets beter klopt, anders kan het met de nog onbeproefde Honda-motor een wel erg kansloos verhaal worden.
3

22 Jenson Button (8e met 126 punten)
Een droevig verhaal: vader overleden, opnieuw een weinig competitieve auto en geminacht door de oude nieuwe teambaas. Button reed met het mes tussen de tanden in wat mogelijk zijn laatste seizoen in de Formule 1 is geweest. Hij maakte nauwelijks fouten en wist steeds het maximale resultaat mee naar huis te nemen. Helaas betekende dat niet dat Button het podium op mocht: zijn hoogtepunten beperkten zich tot een serie vierde plaatsen (al kreeg hij in Australië een derde plaats in de schoot geworpen). Mist McLaren Hamilton? Of is het ontwerpteam al een paar jaar niet bij de les? In ieder geval lukt het Button niet om McLaren vlot te trekken.
7

20 Kevin Magnussen (11e met 58 punten)
Dat hij zijn vliegende start moeilijk kon evenaren of zelfs overtreffen, dat was niet zo gek. Maar dat hij uiteindelijk niet verder kwam dan één vijfde plaats was wel een beetje te weinig van het goede. In de schaduw van Button pakte hij hier en daar zijn puntjes, maar dat de teller uiteindelijk op maar 58 punten stokte, nog niet eens de helft van Buttons totaal, kan niet alleen als onervarenheid worden afgedaan. Ron Dennis’ wegen zijn ondoorgrondelijk en daarom mag Magnussen hopen dat hij er in 2015 weer bij is.
5

Force India-Mercedes (6e met 155 punten)
Cijfers kunnen bedriegen, want met 155 WK-punten beleefde Force India het beste seizoen van zijn bestaan, maar toch zal het Indiase team met weinig plezier op 2014 terugkijken: de overige Mercedes-klantenteams waren te snel voor ze. Net als vorig jaar kakte het team in de tweede seizoenshelft lelijk in. Vorig jaar was die terugval aan de banden te wijten, dit jaar had het team geen excuus. Voor de zomerstop scoorde het team aan de lopende band top-5-klasseringen, na de zomerstop was de zesde plaats van Hülkenberg in de dubbelepuntenrace het beste resultaat.
5

27 Nico Hülkenberg (9e met 96 punten)
Het wil maar niet echt lukken met de carrière van de 27-jarige Duitser uit Emmerik aan de Rijn. De topteams happen maar niet toe en Hulkenbergs onzichtbare optredens in de tweede seizoenshelft zullen ook niet bepaald als een open sollicitatie hebben gediend. Dus wordt het weer een jaartje Force India, wat betekent dat Hülkenberg eindelijk twee seizoenen op rij bij hetzelfde team rijdt. Maar stilstand is achteruitgang in de Formule 1, dus moet Hülkenberg hopen dat de Force India volgend jaar beter is dan die van dit jaar. En dat hijzelf scherper is in de races waarin het er echt om gaat. Een podiumplaats moet er nu toch een keer van komen.
6

11 Sergio Pérez (10e met 59 punten)
Het is dat hij zo’n brokkenpiloot is, anders had Pérez Hülkenberg in de races goed partij kunnen bieden. Zijn podium in Bahrein en zijn verbeten gevechten in Italië en Singapore, waarin hij tweemaal een zevende plek veiligstelde, mochten gezien worden. Ondanks die uitschieters was Pérez qua resultaten duidelijk de mindere van Hülkenberg, die in de eerste seizoenshelft toch echt een maatje te groot was. In de tweede seizoenshelft was Pérez beter (of Hülkenberg slechter) in vorm. Hopelijk kan Pérez dat niveau volgend jaar vasthouden. Wel zal hij moeten leren dat races niet in de eerste ronde gewonnen worden: in Monaco, Engeland en Amerika ging het steeds (bijna) mis voordat de race goed en wel onderweg was.
5

Puntenverloop in de middenmoot (van Massa tot Räikkönen).
Toro Rosso-Renault (7e met 30 punten)
Ondanks de zwakke Renault-motor beleefde Toro Rosso een redelijk seizoen: het team scoorde maar drie punten minder dan vorig jaar en eindigde zelfs een plekje hoger in het kampioenschap. De Italiaanse Red Bulls waren ondanks alles behoorlijk competitief en lieten zich goed zien. Helaas gold dat vooral voor de kwalificatie. Als de punten op basis van de kwalificatie zouden worden verdeeld, had Toro Rosso maar liefst 76 punten gescoord. Maar al te vaak was er op zondag niks meer van de snelheid van een dag eerder over en anders gooide een gebrekkige betrouwbaarheid wel roet in het eten. Kortom: er was een hoop onvervuld potentieel, maar 30 punten is zeker niet slecht te noemen voor het B-team van Red Bull.
7

25 Jean-Éric Vergne (13e met 22 punten)
Voor de tweede keer op rij ging een teamgenoot er met zijn promotie vandoor en na drie jaar Toro Rosso lijkt het doek voor Vergne te zijn gevallen. Maar wat heeft hij in godsnaam verkeerd gedaan? Is hij met zijn 24 jaar al te oud voor het opleidingsteam van Red Bull? Aan zijn prestaties kan het niet liggen: Vergne scoorde het leeuwendeel van de punten van Toro Rosso. Wel werd hij over het gehele seizoen in de kwalificatie geklopt door debutant Kwjat en kennelijk was dat voor Franz Tost en de zijnen de reden om de Fransoos de wacht aan te zetten.
7

26 Daniïel Kwjat (15e met 8 punten)
In navolging van Daniel Ricciardo promoveerde Daniïel Kwjat ook naar het hoofdteam van Red Bull. Kennelijk had de Rus al in zijn eerste jaar in de Formule 1 een verpletterende indruk achtergelaten, waardoor hij meteen naar voren werd geschoven toen Vettel zijn biezen pakte. Hoewel Kwjat op zaterdag bloedsnel was, met als hoogtepunt de vijfde startplaats voor eigen publiek, wist hij die goede uitgangsposities niet in klinkende resultaten om te zetten: verder dan drie negende en twee tiende plaatsen kwam hij niet. Dat moet Red Bull toch zorgen baren.
6

Lotus-Renault (8e met 10 punten)
Lotus beleefde een jaar om gauw te vergeten. Een gedurfd ontwerp was het wel met die vorkneus, maar erg effectief was het niet. Het grootste probleem van de auto was natuurlijk de belabberde Renault-motor, die ook nog eens vaak stuk ging: van alle Renault-teams had Lotus wel de grootste opstartproblemen. Tot overmaat van ramp werd net op het moment dat het team de zaakjes enigszins op orde leek te hebben het FRIC-systeem verboden, waardoor de wagens bijna onbestuurbaar werden. Uiteindelijk bleef de teller steken op tien WK-punten, een fractie van de 303 en 315 punten die het team de afgelopen twee jaar scoorde.
4

8 Romain Grosjean (14e met 8 punten)
Door twee achtste plaatsen wist Grosjean zijn magere seizoen nog een heel klein beetje aanzien te geven. Als achterhoedeteam had je ook in 2014 amper wat in de melk te brokkelen: de betrouwbaarheidsproblemen waar iedereen van tevoren bang voor was, stelden weinig voor, dus bleef de top 10 vaak buiten bereik voor de Zwitserse Fransoos, die zelf wel vijf keer met panne uitviel. Kortom: een verloren jaar.
6

13 Pastor Maldonado (16e met 2 punten)
Na een succesarm jaar bij Williams kende Maldonado een succesarm jaar bij Lotus: dankzij een bekeken race in Amerika scoorde hij zowaar twee punten, eentje meer nog dan vorig jaar. De Venezolaan lijkt er een neus voor te hebben om op het verkeerde moment bij de juiste teams aan boord te springen: zijn oude team Williams scoorde dit seizoen 32 keer zo veel punten.
5

Maroesja-Ferrari (9e met 2 punten)
Treurig genoeg eindigde een historisch jaar voor Maroesja (het team behaalde zijn de eerste WK-punten) traumatisch: in Japan crashte Bianchi tegen een takelwagen, waardoor hij nog altijd in kritieke toestand in het ziekenhuis ligt, terwijl de stekker er bij het team een maand later wel uit werd getrokken. Zo eindigt het avontuur na vijf seizoenen voor het moedige achterhoedeteam en is alleen Caterham nog over van de drie teams die begin 2010 aan de start verschenen: HRT ging in 2012 al failliet.
-

17 Jules Bianchi (17e met 2 punten)
Was zijn motor maar geploft. Had zijn radio maar niet gefunctioneerd. Was die race maar afgevlagd. Was die takelwagen nou maar gewoon achter de vangrail gebleven. Bianchi’s ongeluk had op zoveel manieren voorkomen kunnen worden. Een veelbelovende carrière lijkt in de kiem gesmoord: had de 25-jarige coureur na zijn prima optredens bij Maroesja in de niet al te verre toekomst een contract bij Ferrari af kunnen dwingen? We zullen het helaas nooit weten. Keep fighting, Jules!
-

4 Max Chilton (21e met 2 13e plaatsen)
Twee rijdersfouten en uit voorzorg naar de kant gehaald in de laatste race van het team: Chilton was in zijn laatste jaar in de Formule 1 niet meer de trage coureur die altijd finishte. Nou ja, traag was hij natuurlijk nog wel en tegen Bianchi kwam hij er opnieuw nauwelijks aan te pas, maar dat zal hem nu weinig meer uitmaken. In ieder geval heeft hij in de Formule 1 gereden en dat kan lang niet iedereen zeggen.
5

Puntenverloop in de achterhoede (van Vergne tot Bianchi).
Sauber-Ferrari (10e met 2 11e plaatsen)
126 punten in 2012, 57 in 2013 en geen een in 2014: de prestaties van Sauber gingen de afgelopen twee jaar onder Monisha Kaltenborn in een rechte lijn naar beneden. Waar is het misgegaan? De Ferrari-motor was misschien nog wel het sterkste punt van de zwarte bolide, die te zwaar en nagenoeg onbestuurbaar was. Gedurende het seizoen werd de wagen iets beter, maar genoeg voor een top-10-klassering was het niet en dus eindigde het Zwitserse team voor het eerst in zijn geschiedenis puntloos. Tot overmaat van ramp raakte het geld op, waardoor de vaste rijders Sutil en Gutiérrez en testrijder Van der Garde zonder pardon op straat werden gekwakt: Felipe Nasr en Marcus Ericsson waren bereid dieper in de buidel te tasten. Respectloos.
2

99 Adrian Sutil (18e met 2 11e plaatsen)
Sutil was het grootste slachtoffer van het relatief lage minimumgewicht van de huidige generatie Formule 1-auto’s: in het begin van het seizoen probeerde hij door middel van een crashdieet wat kilo’s kwijt te raken. Uiteindelijk verloor zijn Sauber wat vetrollen, waardoor de Duitser weer een drinkfles mee kon zeulen. Het was tekenend voor de problemen bij Sauber. Sutil voelde zich nooit echt op zijn gemak in de auto en verder dan een paar elfde plekken kwam hij niet.
6

21 Esteban Gutiérrez (20e met 1 12e plaats)
Die zien we nooit meer terug… Hoewel hij het vergeleken Sutil in de kwalificaties nog best aardig deed, liet hij in de races wel heel erg weinig zien. Sauber wil niet meer met hem door, dus lijkt het na twee jaar over en sluiten voor Gutiérrez.
5

Caterham-Renault (11e met 1 11e plaats)
Een slechte soap: dat was het jaar 2014 voor Caterham. Oprichter Tony Fernandes wilde er wel vanaf, waarna het team als een hete aardappel werd doorgegeven. Vervolgens brak er nog een lelijk moddergevecht uit tussen de oude en nieuwe eigenaren over de eigendomsrechten. Ondertussen volgde ontslagronde na ontslagronde voor het team dat, gezien het totale gebrek aan resultaten, veel en veel te veel werknemers in dienst had. Door middel van crowdfunding lijkt Caterham zowaar te kunnen overleven. Hopelijk is het team dan dusdanig afgeslankt dat het weer levensvatbaar is, zodat het de eerste vijf gênante seizoenen achter zich kan laten.
3

9 Marcus Ericsson (19e met 1 11e plaats)
Het was geen spetterend debuutseizoen voor Ericsson, maar dankzij een elfde plaats, een paar goede optredens aan het eind van het seizoen en een contract bij Sauber voor volgend jaar kan het toch als een succes worden bestempeld.
6

10 Kamoej Kobayashi (22e met 2 13e plaatsen)
Hoe anders had de wereld eruit kunnen zien als Kobayashi zich in Monaco niet zo de kaas van het brood had laten vreten. Dan had Caterhem misschien zijn eerste punten gescoord in plaats van Maroesja en had dat leeghoofd van een Fernandes vast een standbeeld voor hem opgericht. Nu beperkte de oogst zich tot een paar dertiende plaatsen en daarmee kregen Kobayashi’s supporters maar weinig waar voor hun geld.
6

Dit artikel is een vervolg op de midterm-reports.

24-11-14

Een wilde achtbaanrit

Dat liep nog net goed af! Zo denk je rustig een punt te gaan drukken en zo zit je ineens in een wilde achtbaanrit waarin je aan een remise en zelfs een nederlaag ruikt, om dan uiteindelijk toch nog de volle winst te pakken. Het gebeurde allemaal in mijn partij tegen Martijn Woudsma van afgelopen zaterdag in de wedstrijd BSG 2 tegen Almere 2.

In ieder geval was het flink zwoegen voor mijn eerste competitiezege in de derde klasse sinds 24 maart 2007. Met het punt verbruikte ik waarschijnlijk weer het geluk op dat ik de vorige wedstrijd had opgespaard, maar wat geeft het: ik ben van de nul af en daar gaat het uiteindelijk om. Natuurlijk valt er een hoop van de partij te leren. Het tempo van de partijen ligt hoger in de derde klasse en daardoor worden er de nodige fouten gemaakt. Het vechtschaak vraagt om een andere, praktischere benadering van het spel, dus kan ik van de partijen leren een volledigere schaker te worden. Daarom hier de analyse:


Met dank aan Knightvision.

23-11-14

Hamiltons dubbele wereldtitel

"Artificieel": dat was nog wel de neutraalste benaming voor de dubbelepuntenrace in Abu Dhabi. De bedoeling was dat het kampioenschap langer spannend zou blijven, maar door de felle tweestrijd tussen Luis en Rosberg schoot het zijn doel voorbij. Wat als het kampioenschap vanwege de dubbele punten zou worden beslist? Gelukkig gebeurde dat niet: Rosberg kreeg een hoop pech te verwerken, waardoor Luis de race en het kampioenschap won.

Luis kan tevreden terugkijken op een lang en slopend seizoen. Afbeelding: Daily Star.
Bij het ingaan van de laatste race had Luis 17 punten meer dan teamgenoot Rosberg. Het betekende dat hij aan een tweede plek genoeg had voor de titel. Maar wat als de betrouwbaarheid hem in de steek liet? Zou zijn seizoen net zo eindigen als het begonnen was? Met de complexe technologie van vandaag weet je het immers nooit. Behalve in Australië kon Luis ook in Canada voortijdig uitstappen, terwijl teamgenoot Rosberg in Engeland en Singapore langs de kant van de weg stond op het moment dat de prijzen werden verdeeld.

Hoewel Luis in de races duidelijk de sterkste was met tien zeges tegenover vijf voor Rosberg, was de Finse Duitser in de kwalificatie de betere. Ook op het pistoolvormige circuit in het Midden-Oosten was hij weer de snelste. Luis was tweede, voor de Williams' van Bottas en Massa. In de subtop weer het nodige geknoei. Zo gaf het team van McLaren Button niet genoeg peut mee in de kwalificatie, dit tot ontsteltenis van de coureur. Nog bonter maakte Red Bull het. Tijdens de technische keuring bleken de vleugels te buigzaam, waardoor de paarse bolides zonder pardon naar de andere kant van de startopstelling werden verbannen. Omdat het team ook nog de foute vleugels van de wagen moest schroeven, startten Fattle en Ricciardo maar vanuit de pits.

Na 15 lange jaren neemt Button waarschijnlijk afscheid van de Formule 1. Afbeelding: Western Morning News.
Strategisch schaakspel
In ieder geval waren de ogen volledig op de eerste startrij gericht. Rosberg komt niet geweldig weg en naast hem heeft Luis werkelijk waar een raketstart. Het zit op de grens van een jumpstart en met werkelijk waar perfecte tractie is het binnen vijftig meter gedaan. Achter hen gooit Bottas een anker uit, waardoor hij van de derde naar de achtste plek terugvalt. Als een duveltje uit een doosje rukt Button op naar de vierde plek, voor de Ferrari's en de als vijfde gekwalificeerde Kwjat. In de middenmoot krioelen de wagens in de openingsronde zenuwachtig door elkaar. Hülkenberg en Magnussen hebben het op de baan en over de uitloopstroken met elkaar aan de stok, waarna Magnussen Subtiel nog een flinke por geeft. De auto's blijven onbeschadigd. Wel zou Hülkenberg nog een belachelijke mini-stop-and-go-penalty krijgen van de wedstrijdleiding.

Aanvankelijk loopt de top 8 hard weg bij de Force India's, die op de hardere band zijn gestart. De koplopers rijden hun superzachte banden al snel stuk. De eerste met bandenproblemen is Räikkönen. Alonso ziet zijn kans schoon en steekt zijn teamgenoot brutaal voorbij. Räikkönen ziet ook Kwjat nog passeren. Vervolgens duikt Alonso doodleuk de pits in en dus moet Räikkönen nog een rondje langer op versleten banden doorjakkeren. Samen met Button en Kwjat duikt hij een ronde later de pits in, waardoor ze zich terugvinden in het achterveld.

Alonso vindt zich terug tussen de Caterhams. Het achterhoedeteam was er toch weer bij, in tegenstelling tot Marousja. Voor het Engels-Russische team lijkt het einde nabij, Caterham is volgend jaar misschien weer van de partij. In ieder geval kost het Alonso zichtbaar moeite om de groene bolides van Will Stevens (geen idee wie dat is, maar doordat Ericsson zijn centjes aan Sauber had toevertrouwd, had Caterham een andere sukkel met poen nodig om de auto te besturen) en Co Biaggi in te halen.

Vooraan rijden de teams van Mercedes en Williams langer door, net als de Force India's en de Red Bulls. Waar Button en de Ferrari's tijd verloren in het verkeer, deden de twee laatstgenoemde teams dat niet, waardoor ze in de race steeds verder oprukten. Vooral Alonso moet mismoedig hebben toegezien hoe hij in het strategische schaakspel van de pitstops op achterstand werd gezet, bijna exact op dezelfde manier als vier jaar geleden.

Alonso kende weer een jaar om gauw te vergeten. Afbeelding: Hollywoodbets.net.
Lijdensweg
Vooraan werden de gezichten bij Mercedes enigszins gespannen: Massa kon de grijze bolides redelijk bijbenen en hij was vooralsnog niet van plan naar de pits te gaan. Toch hadden de Mercedes' aanvankelijk maar weinig last van de kleine Braziliaan, die wel even de leiding overnam. Luis dook als eerste de pits in, Rosberg volgde een ronde later. Het verschil tussen de Mercedes' was drie seconden, maar op nieuwere banden probeerde Rosberg het gat dicht te rijden. Om de titel te winnen, moest hij niet alleen de race winnen, ook moest hij hopen dat een andere coureur zich op de een of andere manier tussen hen in zou wringen.

Alles verloopt nog normaal tot halverwege de race, als Rosberg zich opeens verremt en tijd verliest. Had hij te hard gepusht? Het antwoord is nee, want net als in Canada begeeft zijn ERS het. Met 160 pk minder is Rosberg aangeschoten wild. Allereerst gaat Massa hem eenvoudig voorbij. Langzaam maar zeker valt Rosberg terug, waardoor Luis het vermogen ook terugschroeft om niet hetzelfde te overkomen.

Rosberg is niet de enige met pech: zo valt Kwjat al vrij vroeg in de race stil. Minder geruisloos verloopt Pastoors uitvalbeurt: hij blaast zijn motor (of was het de turbo?) op, waarna hij de fikkende bolide in het gras parkeert.

"Laat maar fikken, joh!" Aan Pastoors rampseizoen kwam een toepasselijk einde. Afbeelding: Daily Mail.
Massa en Luis
Vooraan kan alleen het naderende gevecht om de koppositie tussen Luis en Massa nog boeien. Beide coureurs maken nog een tweede pitstop. Massa maakt een erg late pitstop om in de slotfase nog met de superzachte banden te kunnen aanvallen. Met nog tien ronden te gaan probeert hij tien seconden goed te maken op de man aan wie hij in 2008 op het nippertje de titel moest laten.

Achter hen hebben Bottas en Ricciardo aan schadebeperking gedaan. Bottas' derde plaats zorgt ervoor dat Williams voor het eerst sinds de Grand Prix van Monaco in 2005 weer twee rijders op het podium heeft. Alleen die overwinning, die zit er steeds net niet in. Massa komt aan de streep nog geen drie seconden tekort. En dus blijft Ricciardo de enige niet-Mercedes-coureur die dit seizoen een race heeft gewonnen. Ook in Abu Dhabi is hij Fattle weer de baas: de viervoudig wereldkampioen neemt met een beschamende achtste plaats afscheid van Red Bull, het team waar hij al sinds 2007 (Toro Rosso) voor reed.

Met een puike vijfde plaats beëindigde Button zijn carrière. Opnieuw haalde hij meer uit de auto dan erin zat, maar het leverde zo weinig op. Op de een of andere manier slaat McLaren al twee jaar een pleefiguur sinds Button de kar trekt en dat wordt de sympathieke Brit zwaar aangerekend. In ieder geval was Buttons vijfde plaats ruim voldoende om het plotselinge opgeleefde Force India (Hülkenberg werd zesde, Pérez zevende) in het constructeurskampioenschap achter zich te houden en dat was al heel wat.

Op grote achterstand pakten de Ferrari's van Alonso en Räikkönen de laatste puntjes. Voor Alonso eindigde het Ferrari-avontuur, dat in 2010 nog zo mooi begon met een overwinning, in mineur. Door de magere resultaten in de tweede seizoenshelft viel hij nog terug naar de zesde plaats in het rijderskampioenschap. Niet best, maar hoogstwaarschijnlijk zal het volgend jaar in de McLaren-Honda niet beter gaan. Een gebroken Rosberg kwam uiteindelijk op een ronde achterstand als veertiende over de streep hobbelen, een illusie armer.

In ieder geval zette Luis de kroon op zijn werk: door zijn overwinning vergrootte hij zijn voorsprong op Rosberg naar 67 WK-punten, een score die recht doet aan het machtsvertoon van Luis in 2014. Met zijn wereldtitel toonde hij aan hoe goed hij het in 2012 had gezien door naar Mercedes over te stappen, een move die door veel kenners als volslagen belachelijk werd gekenschetst. Rosberg, die een voorsprong van 29 punten zag verdampen, vatte de nederlaag sportief op. Maar hij weet ook dat het volgend jaar nog veel en veel moeilijker zal worden om Luis te verslaan. En wat te denken van de concurrentie? Heeft Williams het lek nu echt boven? Vindt Renault in de winter nog een paar paardenkrachten extra om Red Bull weer competitief te maken? En wat gaan Lotus-Mercedes en McLaren-Honda doen? Het wordt een lange, warme winter...

Alles weer in eigen hand

BSG 2 is op de weg terug: de stijgende lijn is onmiskenbaar. In hetzelfde Denksportcentrum waar BSG 1 kansen voor open doel miste en verloor van koploper en landskampioen En Passant, was het tweede het tweede van Almere met 6-2 de baas.

Aanvankelijk zag het er nog niet naar uit dat het een makkelijk middagje zou worden: de IJsselmeerbewoners kwamen zelfs op voorsprong nadat een snipverkouden Coen aan het vijfde bord van invaller Ton Sprong (1740) verloor. Weinig beter verging het Theo, die na zijn krachtsinspanning van de vorige keer opmerkelijk genoeg naar bord zeven was weggezet en al gauw remiseerde tegen Henk Bermon.

Vervolgens drukte BSG 2 het gaspedaal maar wat dieper in en met een kolossale tussensprint werd de overwinning veiliggesteld. Ik moet zeggen dat ik er weinig van gezien heb. Zo pakte Frans zijn derde punt van het seizoen en wel tegen Pieter Nobel. Voor Sjoerd was de overwinning op Martijn Heijlman daarentegen zijn eerste in lange tijd. Aan het laatste bord zag ik dat Tom een erg chille stelling op het bord had tegen Danny Overweg, dus verbaasde het me niet dat ook hij won.

De winst werd pas echt op de hoogste borden behaald. Aan het eerste bord zou Ruben de zware taak krijgen om Tobias Kabos (bekend van het Pinkstertoernooi in 2007) af te stoppen, iets wat hij als geen ander kan. Hij speelde echter tegen Bert Kampen, die agressief opende en de hele partij gevaarlijk bleef. Ruben hield echter alles netjes gedekt, pakte wat materiaal en won. Klasse! Het betekende dat Chris aan bord drie de taak had om Kabos af te stoppen en dat deed hij met verve: hij bereikte een eindspel met een aantal pionnen voor de kwaliteit, waarin Kabos remise moest zien te maken.

Uiteindelijk was het Apenhoofd uiteraard nog het langst bezig. Tegenstander Martijn Woudsma verweerde zich nog akelig taai, maar werd na lang spartelen uiteindelijk toch op het droge getrokken, dus werd de eindstand bepaald op 6-2.

BSG 2 (2100) - Almere 2 (1939) 6-2
1. R Hilhorst (2067) - B Kampen (1872) 1-0
2. J de Groote (2185) - M Woudsma (2114) 1-0
3. C Kooijman (2023) - T Kabos (2274) ½-½
4. F Borm m (2212) - P Nobel (1865)1-0
5. C van der Heijden (2111) - T Sprong (1740) 0-1
6. S Drent (2048) - M Heijlman (1857) 1-0
7. T Slisser (2084) - H Bermon (1874) ½-½
8. T de Ruiter (2066) - D Overweg (1916) 1-0

Opnieuw scoorden de witborden van BSG 2 de volle honderd procent. Na de 3½-4½ tegen Ons Genoegen en de 5½-2½ tegen Wageningen 2 werd de stijgende lijn mooi doorgetrokken. En er was meer goed nieuws: doordat Ons Genoegen verloor van Caïssa-Eenhoorn 2, heeft BSG 2 het kampioenschap weer in eigen hand.

15-11-14

Breekpunt in de titelstrijd?

Het loon van de angst
De strijd om het wereldkampioenschap schaken tussen Magnus Carlsen en Viswanathan Anand is weer in volle gang! Nadat de jonge Carlsen de ervaren rot Anand vorig jaar voor eigen publiek lelijk te kakken had gezet, kreeg de Indiër in het Russische Sotsji (waar dit jaar alle evenementen die er ook maar enigszins toe doen worden georganiseerd) een herkansing, nadat hij zich eerder dit jaar de sterkste had getoond in de kandidatenmatches.

Het moet gezegd worden: Anand toonde zich ditmaal van zijn betere kant, al leek het daar aanvankelijk nog niet op: nadat hij in de openingspartij met wit maar ternauwernood aan een nederlaag ontsnapt was, kreeg hij in de tweede partij wel op een ontluisterende wijze een nul te slikken. Na twee van de twaalf partijen leek Carlsen al fluitend op weg om zijn titel te prolongeren. Misschien was hij daardoor wel wat overmoedig geworden en koos hij in de derde partij voor een scherpe theoretische variant. Hij pakte Anand dus op zijn sterkste punt aan en dat was niet zo slim:



Anand leek meteen vleugels te hebben gekregen, want in de vierde partij maakte hij met zwart eenvoudig remise, waarna hij in de vijfde partij weer mocht serveren. Hij kreeg een voordeeltje uit de opening, maar daar bleef het bij. Carlsen maakte eenvoudig remise en kon in de zesde partij zelf proberen om de eerste helft van de tweekamp alsnog met een positieve score te beëindigen. Voor Anand was het eveneens een belangrijk moment in de match: hij zou twee keer achter elkaar met zwart spelen en hem was er daarom alles aan gelegen om de zesde partij niet te verliezen.


De partijen worden mede mogelijk gemaakt door Knightvision.

Zodoende begint Carlsen de tweede helft van de tweekamp alsnog met een voorsprong en kan hij maandag meteen proberen zijn voorsprong te vergroten op een getergde Anand. Is Anand te aangeslagen om nog veel weerstand te bieden, of kan hij Carlsen toch nog te grazen nemen?

10-11-14

Rosberg wint Braziliaanse bandenslijtageslag

Wat een opluchting! Voor het eerst sinds zijn thuisrace in Duitsland won Rosberg weer een race. Voor het eerst sinds Oostenrijk versloeg hij teamgenoot Luis in een rechtstreeks gevecht. Zodoende kwam er een eind aan Luis' reeks van vijf zeges, waardoor hij zijn voorsprong zag teruglopen tot 17 punten. Dat belooft dus wat voor de laatste race in Abu Dubbel.

Net als in Amerika waren er in Brazilië maar achttien auto's van de partij. Mogelijk zien we Marousja en Caterham over twee weken weer terug. Het laatstgenoemde team had onverwacht veel succes met crowdfunding, dit tot grote ergernis van Formule 1-geldwolf Bernie Ecclestone en zijn rechterhand Christian Horner. Waar bemoeien die lui zich mee? Waarom waren ze niet gewoon blij dat een team mogelijk van de ondergang gered werd zonder dat ze er zelf ook maar een penny armer op waren geworden?

Er waren wel meer bemoeials die de bal lelijk missloegen. Zo werd de race een beetje een farce, waarin de banden weer de hoofdrol opeisten. Ditmaal trof Pirelli geen blaam: de bandenfabrikant was van plan de twee hardste rubbersamenstellingen naar Interlagos te nemen. Ze kregen echter stevig de wind van voren van de coureurs. Local hero Felipe Massa was nog het hardst in zijn bewoordingen. "Gevaarlijk" en "onacceptabel" vond hij de bandenkeuze, omdat de banden in de verwachte koude omstandigheden niet op temperatuur zouden komen. Pirelli besloot daarom maar zachtere banden mee te nemen. Doordat de temperaturen heel wat hoger uitvielen dan verwacht, gebeurde nu juist het tegenovergestelde: de banden raakten oververhit en sleten in een krankzinnig tempo.

Dat was jammer na de spannende kwalificatie, waarin Rosberg de pole pakte. Luis, die de pole op 33 duizendsten miste, verklaarde: "Nico heeft een geweldige ronde gereden, ik verloor wat tijd in de tiende bocht en nog wat meer in de eerste," waarmee hij eigenlijk wilde vertellen dat zijn ronde zonder die fouten waarschijnlijk nog perfecter was dan die van zijn teamgenoot.

De race werd onder droge omstandigheden verreden en dat was goed nieuws, aangezien het circuit pas opnieuw was geasfalteerd. De oliën en sappen waren nog niet goed ingetrokken, waardoor een regenrace een spekgladde bedoening had kunnen worden. Nu verliep alles aanvankelijk nog geordend, met Rosberg die voor Luis, Massa en Bottas de eerste bocht in dook. Achter Button maakte Fattle in de vierde bocht een foutje, waardoor Magnussen en Alonso hem passeerden. En dat was het dan wel in de eerste ronden.

Maar ineens is alles anders als Pastoor aan het eind van de vierde ronde zijn Lotus met startnummer 13 de pitsstraat instuurt. Een ronde later bezoekt Massa eveneens zijn monteurs en is het duidelijk dat de eerste serie pitstops in volle gang is. Iedereen wilde zo snel mogelijk van de zachte band af, dus komen de coureurs die op de hardere band waren gestart bovendrijven. Na de pitstops liggen Hülkenberg, Kwjat en Grosjean even aan kop. Al snel leggen ze het af tegen het Mercedes-duo en Massa, die een mini-stop-and-go-penalty heeft gekregen voor een snelheidsovertreding in de pits.

Luis is op stoom geraakt. Ondanks duidelijk zichtbare bandenproblemen hengelt hij Rosberg langzaam binnen. Rosberg laat zich ditmaal niet van de wijs brengen. Het gevecht om de koppositie wordt door de tweede serie pitstops onderbroken. Rosberg duikt uiteraard als eerste de pits in, waarna Luis tot verbazing van iedereen nog een aantal ronden langer doorrijdt. Opmerkelijk genoeg verbetert hij op oude banden de snelste raceronde van Fattle op nieuwe banden. Het ziet er dus goed uit voor de Brit, totdat hij in de vierde bocht een lelijke uitglijder begaat. Hij spint en verliest een hoop tijd. Na Luis' tweede stop ligt hij zeven seconden achter zijn teamgenoot.

Achter de Mercedes' is Räikkönen even best of the rest, met Hülkenberg kort achter hem. Na hun pitstop neemt Massa zijn derde plek weer in. Teamgenoot Bottas heeft een mindere race: hij heeft een probleem met zijn gordels, waardoor hij bij zijn tweede pitstop veel tijd verliest. Dat hij door Hülkenberg hardhandig opzij wordt gezet in de eerste bocht, helpt hem ook niet echt.

Terwijl Ricciardo halverwege de race met een kapotte ophanging uitvalt, begint Luis Rosberg weer op te jagen. Steeds knabbelt hij weer wat van zijn achterstand af. Als het gat is teruggelopen naar twee seconden, stopt Rosberg voor de laatste keer. Luis stopt een ronde later en komt bijna in de kofferbak van zijn teammaat op de baan. Spannend! Ronde na ronde kan Luis DRS gebruiken, waardoor hij aan het eind van het rechte stuk weer tot aan de staart van Rosberg komt. In het bochtige middengedeelte is de aerodynamica in Rosbergs voordeel, waardoor hij weer een gaatje kan slaan, zodat de status quo gehandhaafd blijft.

Ondertussen doet Massa een Hamiltonnetje door bij het team van McLaren te stoppen, waar hij meteen wordt doorgelaten. Natuurlijk hadden de monteurs voor de grap alle banden van Massa's auto kunnen schroeven, maar dat deden ze niet omdat Button eveneens op het punt stond om nieuwe banden te halen. Zodoende lag Massa ondanks alles goed op koers om derde te worden. Hülkenberg stribbelt nog even tegen, maar moet in de slotfase nog een keer overstappen naar de gevreesde zachte band. Na zijn stop krijgt hij de op de achtste plaats rondrijdende Magnussen nog te pakken, maar de Ferrari's niet meer. Pas na heel veel pogingen slaagt Alonso er eindelijk in om Räikkönen, die ook nog een slechte stop had doordat zijn auto van de krik viel, te kloppen.

Dat lukt Luis niet meer. Op het circuit waar hij meer decepties dan triomfen boekte, moest hij voor het eerst in lange tijd Rosberg weer voor zich dulden. Voor de titelstrijd maakt het weinig uit: aan een tweede plaats in Abu Dubbel heeft Luis genoeg. Maar toch: hij was niet foutloos en het momentum is hij (even) kwijt. Alle lof voor Rosberg dus, die koel bleef en een verdiende overwinning pakte.

Massa stond, na zijn gemiste podium in Amerika, voor het eerst sinds Italië weer op het podium, ondanks de rare fratsen die hij tijdens de race aan het uithalen was. Button werd keurig vierde, voor Fattle, die tijdens de pitstops weer toesloeg. Alonso en Räikkönen werden zevende, voor Hülkenberg, Magnussen en Bottas. Buiten de punten vielen de Toro Rosso's van Kwjat (11) en Vergne (13), de Lotus van Pastoor (12), de Saubers van Gutiérrez en de uit de pitsstraat gestarte Subtiel (14 en 16) en Pérez (15), die weer eens afging als een gieter. Grosjean was in de slotfase de tweede uitvaller van een toch wel erg saaie Braziliaanse Grand Prix.

Over twee weken het sluitstuk van dit niet al te hoogstaande, maar wel spannende kampioenschap. Stay tuned!